Teksten video's 2025
Teksten video's 2024
Teksten video's 2023
Teksten video's 2022
Teksten video's 2021
Teksten video's < 2021
Playlist met alle video's
Johannes de Doper - Het alledaagse - Pinksteren - Een druppel op een hete plaat - Het (on)recht van de sterkste - Eigen woorden - Het goede overwint! - Vriendschap - God eren en prijzen - Lastige vragen - Pseudo-christendom - Gehandicapt - Openbaring
#156 Operatie Schone Handen
Jochanan rolt de rode loper uit (8')
21/06/2026
Tekst van de video
Onverwachts bij iemand aanbellen is niet altijd een goed idee. Want wanneer mensen er niet op gekleed zijn en het er slordig bij ligt, brengt je hen in verlegenheid en dat is ook gênant voor wie aanbelt. Misschien geef je beter vooraf een seintje.
Ook hoog bezoek wordt gewoonlijk aangekondigd zodat iedereen zich kan voorbereiden, en het zwerfvuil uit de straten wordt verwijderd. Zo’n aankondiging gebeurde ook toen Jezus de wereld kwam bezoeken! Dat een goddelijk gezant ooit zou komen – een Messias die herstel zou brengen – hing al eeuwen in de lucht. God had dit aan zijn profeten meegedeeld, zonder evenwel een tijdstip te vermelden.
Maar in de periode vóór Jezus’ geboorte werd Israël door de Romeinen overheerst, en er waren spanningen over de Joodse identiteit want Farizeeën, Sadduceeën, Zeloten en Essenen waren het grondig oneens. De nood aan herstel wakkerde de hoop op een goddelijke ingrijpen aan. En ook God vond dat het moment om de wereld te bezoeken, gekomen was, en stuurde een gezant om het pad te effenen.
Hoog bezoek wordt voorbereid door de dienst protocol. Maar noch Herodes, noch de Joodse elite zagen het zitten om de rode loper uit te rollen, en God koos een andere weg. Hij duidde Jochanan aan om zijn bezoek voor te bereiden. Die naam zegt je wellicht niets, want wij kennen hem onder zijn Griekse naam Johannes, met als bijnaam ‘de Doper’. Jochanan betekent ‘God is genadig’ en daaruit blijkt dat God de mens vergevingsgezind tegemoet wou treden.
Die naam lijkt misschien moeilijk verenigbaar met een Spartaanse levensstijl, maar die strenge discipline illustreert dat Johannes geen persoonlijk voordeel zocht. Johannes was de geschikte man om Jezus’ bezoek voor te bereiden, want hij had een sterk rechtvaardigheidsgevoel, was onkreukbaar, en sprak vrijuit. Hij spaarde noch hypocriete leiders, noch de moorddadige Herodes die wou trouwen met de vrouw van zijn broer. Ook zijn scherpe uitspraken zijn verenigbaar met ‘Gods genade’, want herstel begint bij een duidelijke diagnose. Johannes legt de vinger op de wonde, opdat de toehoorders zouden inzien wat in Gods ogen fout is.
God is niet geïnteresseerd in het klassieke eerbetoon, maar wel in goedheid en eerlijkheid – dat is de figuurlijke rode loper waarmee Jezus verwelkomd kan worden. Ter voorbereiding van Gods bezoek moet dus, zoveel als mogelijk, vuile troep worden opgeruimd en daarom start Johannes een Operatie Schone Handen. In de jaren 90 was er in Italië een grootschalig gerechtelijk onderzoek dat een wijdverspreid corruptienetwerk binnen de politiek en het bedrijfsleven blootlegde. En bij ons startte in 2018 een Operatie Propere Handen die fraude, witwaspraktijken en omkoping in het profvoetbal aan het licht bracht. Ook Johannes ging op zoek naar wat schuilgaat achter de schone schijn. Hij had geen juridische bevoegdheid, maar voerde een sensibiliseringscampagne, waarin hij aandrong op gedragsverandering.
De mensen vroegen hem: "Wat moeten we dan doen?" Johannes antwoordde: "Wie twee hemden heeft, moet delen met wie er geen heeft en wie voedsel heeft, moet hetzelfde doen." Er kwamen ook belastinginners om te worden gedoopt. Zij vroegen hem: "Leraar, wat moeten wij doen?" Johannes zei tegen hen: "Vorder geen hoger bedrag dan jullie is opgedragen." Ook de soldaten vroegen hem: "Wat moeten wij doen?" Tegen hen zei hij: "Beroof niemand en pers niemand af, maar wees tevreden met je soldij." (Lukas 3:10-14 Gods Boek)
Johannes predikte geen revolutie. De praktische adviezen waren slechts een herhaling van Gods wetten, maar ze contrasteerden met de toenmalige praktijk. Blijkbaar was het lastig om Gods richtlijnen te volgen, en Johannes wist dat sensibilisering niet volstond. Ook de oorzaak achter de oorzaak moet worden aangepakt. Schone handen zijn het resultaat van schone gedachten en gevoelens, en daar wil God bij helpen. Gedragsverandering gaat zoveel beter wanneer die uitgaat van een diep verlangen om proper te zijn in alle betekenissen van het woord, en daarom riep Johannes zijn publiek op om zich tot God te keren. Als uiterlijk teken van die keuze, dompelde hij hen onder in de Jordaan. Ook corrupte ambtenaren, militairen en prostituées gaan kopje onder, want zij erkennen hun innerlijke diepe nood.
Johannes’ boodschap werd met heel veel mond-tot-mondreclame ruim verspreid, en kwam ook in de geschiedenisboeken. Er bestaat consensus dat Johannes een historische persoon is, met een significante invloed in zijn tijd.
Zwerfvuil brengt ons terug naar onze tijd. Wanneer dat het gevolg is van nonchalance, kan je dat misschien tegengaan met sensibiliseringscampagnes, bijvoorbeeld door in de verf te zetten hoe vervuilend één sigarettenpeuk in de riool wel is. De chemische bestanddelen maken tot 60 liter water giftig, en de microplastics komen terecht in de voedselketen. Die info kan aanzetten tot gedragsverandering. Maar sluikstorten gebeurt te kwader trouw. Wie drugs fabriceert weet dat hij levens kapot maakt. Hij is de schaamte voorbij, en alleen het risico op arrestatie zal hem weerhouden om afval te dumpen.
Gemeenten doen beroep op vrijwilligers om zwerfvuil op te ruimen en sluikstort te signaleren. Maar je moet die acties steeds herhalen, en sensibilisering helpt niet ten aanzien van gewetenloze mensen, of zij die het zich allemaal niet aantrekken, of die er zelfs plezier in vinden om schade toe te brengen.
Zwerfvuil en sluikstort, en natuurlijk straatgeweld en drugscriminaliteit, zijn symptomatisch voor dieperliggende problemen zoals normvervaging en een gebrek aan verantwoordelijkheidszin. Dat hangt samen met opvoeding, onderwijs en zoveel meer, en we hebben daar als maatschappij niet echt een antwoord op, ook niet via repressie en gevangenisstraf, want daar kom je vaak slechter uit.
Ook in onze tijd is die boodschap van Jochanan betekenisvol. Johannes wijst vooreerst op Gods eeuwige normen, en verder op het feit dat God de mens innerlijk vernieuwt zodat die in staat is – en bereid is – om te leven vanuit waarheid en liefde. Johannes’ analyse en remedie waren een voorafname op de dieptereiniging die Jezus aanbiedt. Want hij omschrijft Jezus als "het Lam van God, dat de zonde van de wereld wegneemt."
Wie Jezus ontmoet, wordt door zijn licht beschenen. Hij ziet het vuil dat aan zijn handen kleeft, maar ook de achterliggende gedachten en gevoelens. Hij krijgt een afkeer van die smurrie en verlangt om daarvan bevrijd te worden. Gedragsverandering is dan niet het middel tot herstel, maar het gevolg van een diepgaande bevrijding.
#155 Monumenten voor het ego
versus De waarde van het alledaagse (9')
7/06/2026
Tekst van de video
Ken je de volgende uitspraak? "Achter elke wolkenkrabber staat een nog groter ego". Een beroemde architect noemde de wolkenkrabber "een monument voor het ego". Hij vond dat architectuur de behoeften van de gemeenschap moest dienen, maar wolkenkrabbers worden vaak niet gebouwd om functionele redenen, maar om de ijdelheid van hun makers te strelen. En dan is er de "vanity height" oftewel de afstand tussen de hoogst bruikbare verdieping en de top. Bij het hoogste gebouw ter wereld bedraagt die 27 %.
Pronken met rijkdom en macht is vandaag niet ongewoon, en de ambitie om anderen te overtreffen, zie je in bijna alle domeinen van het leven. Letterlijke of figuurlijke wolkenkrabbers zijn statussymbolen die veel competenties, geld, grondstoffen en energie opeisen, en dat zou beter besteed kunnen worden.
God is niet onder de indruk van die pogingen om de grootste te zijn, want Hij drukt zich kritisch uit over pretentie of de innerlijke houding die schuilgaat achter dat streven, en over grootspraak of het verwoorden van pretentie. Slechts enkelingen kunnen via wolkenkrabbers hun stempel drukken op het landschap, en zo hun naam vereeuwigen. Maar we kunnen allemaal kleinere monumenten voor ons ego oprichten, om anderen live of via sociale media te imponeren.
Waarom heeft God zoveel moeite met ‘monumenten voor het ego’? Wie pretentieus is blaast zichzelf op, en verkleint of minacht de andere. Het is een aanslag op de liefde, en ondermijnt goede relaties. Tegelijk speelt de hoogmoedige zelf voor God, en we zien nu hoe pretentieuze politieke leiders de wereld destabiliseren en onnoemelijk veel ellende veroorzaken.
Die wolkenkrabbers doen mij denken aan de Herodesdynastie. Om hun slecht imago op te poetsen renoveerden zij de tempel in Jeruzalem. Het tempelplein werd het grootste kunstmatige plateau in de antieke wereld, en de tempel was een van de indrukwekkendste gebouwen uit die tijd – een complex waarvan de aanblik volgens de geschiedschrijver Josephus leek op een schittering van sneeuw en goud. Sommige discipelen van Jezus gedroegen zich als de toerist in Dubai. Maar Jezus ging niet mee in die adoratie, en zei dat de tempel verworden was tot een rovershol – een plaats waar alles draait om geld – een bouwwerk dat integraal gesloopt zou worden.
Dat God niet onder de indruk is van grootse monumenten, blijkt ook uit Jezus’ uitleg over het laatste oordeel. Want hoewel politieke hervormingen, economische successen, wetenschappelijke en technologische innovaties, hier en nu van grote betekenis kunnen zijn, blijven ze hierboven onvermeld. En ook publieke successen als gelovige, worden kritisch beoordeeld. De intenties en wat er zich in de schaduw afspeelde, zullen worden afgewogen.
Jezus’ aandacht gaat vooral uit naar kleine alledaagse daden, zoals een vriendelijk woord, bijstand aan een mens in nood, het helpen van een zieke, het respecteren van iemand die wat afwijkt van de norm, … Vaak zijn dat persoonlijke overwinningen op onverschilligheid, liefdeloosheid, leugen en onrecht, soms in moeilijke omstandigheden want tegen de stroom in, en dus zonder applaus. Juist wanneer die daden klein en onopvallend zijn, tonen ze wat er werkelijk in het hart leeft. Die bescheiden initiatieven worden door God opgemerkt en hoog gewaardeerd. Eretekens, olympische medailles en Nobelprijzen worden bij dat oordeel niet vermeld.
En dan was er de weduwe die twee koperstukjes in de offerkist stak, alsof je 1 euro aan Artsen Zonder Grenzen geeft – te weinig om de frankeerkost van hun nieuwsbrief te betalen. En toch wordt zij door Jezus geprezen.
Jezus verheft kleine woorden – ook woorden die tot God gericht zijn – en daden van liefde en trouw tot iets groots in Gods ogen, terwijl Hij zelfs kleine woorden en daden van minachting en ontrouw, zwaar aanrekent.
Want het gaat Jezus om het hart en de intentie. Dat is wat we meenemen naar het eeuwig leven. Monumenten, medailles en al het andere blijven hier achter, en vergaan tot stof.
Wat groot is in de ogen van mensen, is in Gods ogen vaak niet relevant. Wat banaal lijkt, kan voor God van grote betekenis zijn. Die waardering voor het gewone leven, is goed nieuws voor mensen met een leven dat een beetje saai lijkt – mensen die geen grote dingen kunnen doen omdat ze niet bijzonder getalenteerd zijn, geen geld en macht hebben, of weinig tijd door een druk gezinsleven of een zware job. Ook voor mensen met beperkte mogelijkheden vanwege ouderdom, ziekte of handicap. Want in de regel vraagt God niet dat we grootse dingen doen – wolkenkrabbers bouwen – maar wél dat we het gewone leven waarderen en maken tot iets moois. Dat gaat dan over hoe we luisteren, hoe we reageren, hoe we een taak uitvoeren …
Grote daden van geloof zijn zeldzaam. Kleine daden zijn er elke dag, en juist daarom zijn ze zo belangrijk.
Door herhaling vormen die kleine dingen onze persoonlijkheid, want het zijn stapjes in de goede, of in de verkeerde richting. Het gewone leven wordt zo de plaats waar God ons vormt. Eén sigaretje maakt niet veel uit, maar nog één, en nog één, altijd weer … we weten, waarheen dat leidt. Of omgekeerd: beweging en juiste voeding … telkens weer, komt de gezondheid echt ten goede.
Eén gebaar van vriendschap en medeleven, elke dag opnieuw, kan ons veranderen in een tevreden mens, die anderen aanzet om dezelfde weg te gaan. Maar één negatieve opmerking, elke dag opnieuw, kan ons maken tot een bitter mens, waarmee het moeilijk samenleven is – ook voor God. Dat lijkt wat op die spreuken van "Bond zonder naam" – een vereniging met een christelijke origine.
Ik had het over wolkenkrabbers als ‘monumenten voor het ego’ – het ego van de bouwheer en ook van de toeschouwer die op zoek is naar spektakel – en over misbruik van religie, zoals de tempel als rovershol in plaats van veilig trefpunt, met God en zijn familie.
Jezus vergeleek zijn lichaam met die tempel in de positieve zin, want in en door Hem, konden zijn tijdgenoten God ontmoeten. Die tempel werd afgebroken, maar Jezus verrees uit de dood en opende de deur naar de echte godsontmoeting door een innerlijk gezuiverde en vernieuwde mens.
Wie Hem leert kennen in zijn schoonheid en grootheid, en Hem erkent als Meester, en dus doet wat de Vader wil, kan niet anders dan bescheiden worden. Jezus is de echte remedie om los te komen van het ego met zijn vergankelijke monumenten.
#154 Elk nadeel heeft zijn voordeel
Over Pinksteren (8')
24/05/2026
Tekst van de video
Wij hebben het geluk dat we ons vrij op straat kunnen begeven, zonder angst voor willekeurige arrestatie. In een land met een tirannieke overheid, kan die buitenwereld gevaarlijk zijn, en blijf je liever binnen. Jezus’ leerlingen werden geconfronteerd met zo’n bedreigende buitenwereld. Hun rabbi was op gruwelijke wijze ter dood gebracht. Dat kon ook hen overkomen, en daarom sluiten ze zich op, maar die gesloten deur belette de verrezen Jezus niet om binnen te komen.
"Op de avond van diezelfde dag, de eerste dag van de week, toen Jezus’ leerlingen bijeenkwamen en de deur op slot hadden gedaan uit angst voor de Joodse leiders, kwam Hij in hun midden staan. Hij zei tegen hen: ‘Ik wens jullie vrede toe.’ " (Johannes 20:19 Gods Boek)
Die vredeswens was de gebruikelijke Joodse groet, en shalom is veel meer dan afwezigheid van oorlog, want het betekent ook "Het moge je goed gaan", en dat houdt in dat zowel het individu als de gemeenschap van binnenuit tot bloei komt.
Shalom contrasteert met dat andere begrip uit dezelfde tijd. De ‘Pax Romana’ was een vrede die van bovenaf werd afgedwongen en volgde uit militaire overwinningen of overgave. Die vrede moest het belang van de machthebbers dienen. Pax Romana is natuurlijk beter dan anarchie, maar het kan niet tippen aan de weldaden van shalom.
Pax en shalom kunnen samengaan wanneer de overheid het algemeen belang voor ogen heeft, en dat niet beperkt tot het eigen grondgebied. Maar ook vandaag gaat Pax gepaard met machtsmisbruik en vernedering, wat leidt tot bitterheid en vernietiging van veel shalom.
Shalom heeft een rijke inhoud want het beoogt het welzijn van de mens – van elk mens in al zijn facetten en in alle domeinen van het leven. Maar Jezus gaf in zijn afscheidswoord net voor zijn arrestatie, aan die shalom een diepere betekenis.
"Ik laat jullie mijn vrede na; Ik geef jullie vrede. De vrede die Ik geef, is niet als de vrede die de wereld geeft. Raak niet ontsteld, wees niet bang." (Johannes 14:27 Gods Boek)
Meer dan toewensen van vrede kan je als mens meestal niet doen, want je hebt de toekomst niet onder controle – niet de toekomst van jezelf, laat staan die van anderen. Maar Jezus kan wél meer doen, want Hij is God, en in plaats van vrede toe te wensen, geeft Hij vrede – niet de vrede van de wereld, maar zijn vrede. Geen Pax Romana die wordt gehandhaafd met goddelijke dwang, of met militaire en politionele macht van zijn volgelingen, want met dwang leg je geen fundament voor een koninkrijk waarin liefde de hoogste waarde is. Maar ook geen shalom in die paradijselijke betekenis waarbij mensen helemaal openbloeien, want dat ideaal is nog niet bereikbaar, ook niet voor zijn volgelingen.
Jezus schenkt dus niet de uiterlijke vrede van een zorgeloos leven. Integendeel, ware volgelingen zullen net als Hij vervolgd en onderdrukt worden.
"Men zal jullie uit de synagoge verbannen en er komt een tijd dat iedereen die jullie ter dood brengt, zal denken dat hij God een dienst bewijst. De reden dat de mensen dat zullen doen is dat ze noch de Vader, noch Mij kennen." (Johannes 16:2-3 Gods Boek)
Jezus’ vrede beschermt niet tegen geloofsvervolging, maar wat houdt ze dan wel in? Uit de context blijkt dat alles draait om een nieuwe vorm van goddelijke bijstand en innerlijke vrede.
De voorbije drie jaar was Jezus z’n leerlingen dag en nacht nabij als leraar, gids en bodyguard. Hij incasseerde de kritiek, beantwoordde moeilijke vragen en kon wonderen verrichten – niets was voor Hem onmogelijk. Maar dat veiligheidsgevoel wordt nu bedreigt, want straks staan ze er alleen voor, of misschien niet?
"Nu ga ik naar Degene die Mij heeft gestuurd. ... Maar nu Ik dit tegen jullie heb gezegd, is jullie hart vol verdriet. Maar Ik zeg jullie de waarheid: het is beter voor jullie dat Ik ga. Want als Ik niet ga, zal de Raadgever niet bij jullie komen, maar als Ik wel ga, zal Ik Hem naar jullie toe sturen." (Johannes 16:5-7 Gods Boek)
Jezus keert terug naar de Vader, maar elk nadeel heeft zijn voordeel. God is weliswaar niet langer aanwezig als persoon van vlees en bloed, maar Jezus kon slechts op één plaats tegelijk zijn. Straks kan God als Geest overal ter wereld mensen bijstaan, tot het einde van de tijd. De vrede die Jezus nalaat wordt gerealiseerd door een goddelijke Persoon die in de mens wil wonen.
Die persoon wordt in het Grieks vermeldt als ‘parakletos’, en de verscheidenheid aan vertalingen leert dat die vlag vele ladingen dekt. Al die titels drukken een aspect uit van wat Gods Geest voor de mens betekent. ‘Trooster’ is etymologisch niet verwant aan parakletos, maar sluit aan bij het verdriet om het vertrek van Jezus. ‘Pleitbezorger’ zit in de juridische sfeer omdat ook het Griekse woord daarnaar kon verwijzen. Maar ik gebruik dat liever niet, want dat ambt werd in 1969 afgeschaft.
Er is een verzamelwoord dat meerdere van die betekenissen omvat, maar omdat het thuishoort in het jargon van oorlogsjournalisten, zal het nooit terechtkomen in een Bijbel. Rudi Vranckx werd in Bagdad bijgestaan door een gids, die later om veiligheidsredenen naar België is gevlucht. Ibrahim – een zeer vriendelijke man – woonde in mijn straat. Rudi noemde hem ‘zijn engelbewaarder’, maar de gebruikelijke benaming is een fixer. Dankzij zijn kennis van taal, streek en cultuur en zijn vele contacten, kon hij Rudi min of meer veilig doorheen oorlogsgebied loodsen.
Gods Geest wil ons loodsen doorheen een wereld die gevaarlijk kan zijn. En anders dan die fixers kan Hij in ons wonen. De eerste christenen hebben dat voor het eerst ervaren toen zij op het Pinksterfeest door Gods Geest in vuur en vlam werden gezet. Onbevreesd zijn ze vervolgens naar het tempelplein gegaan, en daar hebben ze met grote vrijmoedigheid de boodschap van Jezus gebracht. Dat deden ze ook in onbekende talen die de Geest hen ingaf, en ook dat doet denken aan een fixer die helpt om de taalbarrière te doorbreken.
We hebben allemaal nood aan die goddelijke bijstand. Leer Jezus kennen en nodig Gods Geest uit om je veilig doorheen oorlogsgebied te loodsen. Hij geeft je innerlijke vrede en levenskracht, en bereidt je voor op een eeuwige bestemming waar je volop tot bloei zal komen.
#153 Een druppel op een hete plaat.
De grote waarde van kleine gestes (8')
10/05/2026
Tekst van de video
Een druppel op een hete plaat is een antwoord op een nood, dat zo weinig effect heeft, dat het niet de moeite waard lijkt. Dat kan een excuus zijn om de bescheiden bijdrage die men zou kunnen leveren bij initiatieven tegen armoede of klimaatverstoring, na te laten. Heeft het zin om geen vliegreizen te boeken, de auto aan de kant te laten en minder vlees te eten, nu de nood zo ontzaglijk groot is en internationale afspraken niet worden nageleefd? En heeft het zin om geld te geven aan mensen in nood, wanneer een structurele aanpak noodzakelijk is om de problemen op te lossen? Maar kleine bijdragen hebben wel degelijk effect, en deze ngo’s bewijzen dat, want zij doen heel veel goeds en hun fondsen bestaan grotendeels uit kleine bijdragen van privépersonen.
Maar er is meer:
• door een materiële nood te lenigen, erkennen we de noodlijdende als persoon, en dat vriendelijke gebaar heeft grote emotionele waarde. Het kan zelfvertrouwen en zelfredzaamheid boosten, waardoor het effect van die druppel zoveel groter wordt.
• Kleine gebaren zetten aan tot navolging, want wanneer iemand in beweging komt, zal de omgeving wellicht volgen, zodat het niet bij die ene druppel blijft.
• En zo ontstaat een draagvlak dat de politiek en het bedrijfsleven motiveert om structurele oplossingen te zoeken. Henri Dunant die getuige was van de gruwel op het slagveld, mobiliseerde heel wat gewone mensen om hulp te verlenen, en dat leidde tot de oprichting van het Rode Kruis. Druppels op een hete plaat, kunnen uitmonden in grootschalige projecten.
Er is nood aan structurele aanpak, en God gaf het goede voorbeeld door tal van regels ter bescherming van de kwetsbare: garanties voor eerlijke handel, bescherming van de loonarbeider en vreemdeling, regels voor een correcte rechtspraak, kwijtschelding van schuld, en asiel voor wie onrechtmatig beschuldigd werd, en op de vlucht was …
Maar die regels werden veelal opzijgeschoven, en zo was Israël ten tijde van Jezus een hete plaat met veel leed.
Jezus’ optreden was meer dan een druppel op die hete plaat, want Hij beantwoordde heel veel noden, vaak op bovennatuurlijke wijze. Maar de volgende passages illustreren hoe Hij kleine druppeltjes van gewone mensen bijzonder waardeert.
"Toen Jezus opkeek, zag Hij dat rijke mensen hun giften in de offerkist staken. Ook zag Hij dat een arme weduwe er twee kopermuntjes in stak. Hij zei: "Ik verzeker jullie dat deze arme weduwe meer heeft gegeven dan alle anderen, want zij allen hebben hun gift gegeven vanuit hun overvloed, maar deze vrouw gaf vanuit haar armoede alles wat ze had om van te leven. " (Lucas 21:1-4 Gods Boek)
"En wie een van deze eenvoudige mensen een beker koud water geeft, enkel en alleen omdat hij mijn volgeling is, Ik verzeker jullie dat hij zijn beloning zeker niet zal mislopen." (Matteüs 10:42 Gods Boek)
De bijdrage van de weduwe – de kleinste muntstukjes die in omloop waren – was eigenlijk niet de moeite waard, en wat betekent één beker water? Het offergeld diende voor tempelonderhoud en armenzorg, maar dat laatste was blijkbaar geen prioriteit, want de weduwe was arm, net als vele anderen. Zij was een stukje van de hete plaat. Maar zij vertrouwde er ongetwijfeld op dat God in haar noden zou voorzien, en dat verklaart haar vrijgevigheid. En zo brengt die weduwe ons in verlegenheid, wanneer wij het materieel goed hebben, en toch onze portefeuille gesloten houden.
Wat zij deed lijkt wat extreem, maar het was een waargebeurd verhaal dat voortkwam uit haar sterk geloof, en geen parabel waarin Jezus zegt hoe ver wij moeten gaan. Toch onderstreept Jezus in beide passages de grote waarde van kleine gestes.
Ngo’s zetten in de verf wat zij kunnen doen met 10, 40 of 100 euro. Die druppels koelen de plaat een beetje af, want kleine gestes hebben grote waarde voor de hulpbehoevende.
Maar in de voorgaande teksten, en in veel andere passages benadert Jezus de problematiek niet vanuit het standpunt van de hulpbehoevende. Hij leert dat die kleine gestes broodnodig zijn voor de potentiële hulpverlener. Want wie kan helpen, en dat niet doet, is in grote nood. Naast de hete plaat van de noodlijdenden, is er volgens Jezus ook de hete plaat van mensen die, hoewel ze het wellicht niet beseffen, in gevaar zijn – mensen die door hun materialistische levensstijl onheil over zich afroepen, niet in dit leven, maar in de eeuwigheid.
Wat heeft een mens eraan als hij de hele wereld wint maar zichzelf verliest of te gronde richt? (Lukas 9:25 Gods Boek)
… wee jullie rijken, want jullie hebben je troost reeds ontvangen. Wee jullie die nu voldoende te eten hebben, want je zal hongerlijden. (Lukas 6:24-25 Gods Boek)
Ook al is het effect van de beker water en van die centjes miniem voor de hulpbehoevende, toch kan de weerslag van dat medeleven op de persoonlijkheid en de eeuwige bestemming van de hulpverlener groot zijn. We veranderen ten goede wanneer onze focus niet ligt op eigen welvaart. En zo is vrijgevigheid en vrijwilligerswerk – anderen helpen en ons inzetten voor een betere wereld – een gezonde vorm van eigenliefde.
Jezus’ hoge waardering voor kleine druppels houdt niet enkel verband met zijn liefde voor de noodlijdende, maar ook met zijn verlangen dat ook mensen die niets te kort komen, voorbereid worden op de eeuwigheid. Want hoewel we eeuwig leven ontvangen als een geschenk, en de hemel dus niet kunnen ‘verdienen’ door goede daden, toch moeten we daarboven niet toekomen met vuile kleren, oftewel als een egoïst. Die druppels van medeleven zijn een douche met reinigende werking – druppels die ons voorbereiden op het eeuwige leven omdat ze onze persoonlijkheid vormen. En die persoonlijkheid nemen we straks mee wanneer ons lichaam is vergaan.
Om af te sluiten nog het volgende: Jezus kwam in de eerste plaats naar deze wereld om een antwoord te geven op de universele hete platen van alle onrecht, slechtheid, ziekte en verdriet in alle landen en tijden. Dat deed Hij door zijn leven te offeren, en te verrijzen uit de dood. Die kruisdood lijkt slechts een druppel op een hete plaat, maar het was een volmaakte goddelijke druppel met een universele werking - de grondslag voor nieuwe mensen in een nieuwe wereld. Dat lijkt wel goddelijke kernenergie, met een minuscule, maar gigantisch krachtige kern. Laat je vernieuwen door die rode druppel en door de vele blauwe druppels van kleine en grote gestes die in Gods ogen waardevol zijn.
-->
#152 Het verhaal van de zeven dochters
Het (on)recht van de sterkste (8')
26/04/2026
Tekst van de video
Een mens zou om de ander moeten geven, en geen roofdier mogen zijn dat zijn honger stilt door andere dieren te verscheuren. Dat heeft alles te maken met die woorden in het scheppingsverhaal ‘Laten Wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op Ons lijken" (Genesis 1:26 NBV21). Combineer je dat met ‘God is liefde’ (1 Johannes 4:8 Gods Boek) dan weet je hoe een mens behoort te zijn. Maar liefde kan niet worden afgedwongen, en een mens heeft dus de vrijheid om meedogenloos te zijn.
De scherpe vergelijking met roofdieren vind je al bij Jezus, en het is extra pijnlijk dat dit betrekking had op mensen die beweerden namens God te spreken. Gods woorden zijn een krachtig geneesmiddel, maar ze kunnen vervangen worden door een giftig goedje.
"Pas op voor de valse profeten; zij doen zich aan jullie voor als schapen, maar zijn in wezen roofzuchtige wolven." (Matteüs 7:15 Gods Boek)
Dat roofdier kom je ook tegen in de term aasgierkapitalisme. Dat gaat over grote spelers, die hun macht en winst maximaliseren, door alles meedogenloos naar hun hand te zetten, ongeacht de persoonlijke en maatschappelijke kost.
In de dierenwereld geldt vaak "het recht van de sterkste". Maar het gebruik van die uitdrukking in de mensenwereld is nogal vreemd. Want de sterkste zijn – vaak betekent dat de rijkste – heeft met recht in wezen niets te maken. Toch probeert de sterkste vaak anderen ervan te overtuigen dat hij het recht aan zijn kant heeft, door te zeggen dat hij zorgt voor jobs, vooruitgang, welvaart en veiligheid. Anderen roepen vrijheid van meningsuiting in om leugen, bedrog en haat op hun platformen goed te praten.
De vergelijking met roofdieren houdt dus ergens op, want roofdieren doen gewoon hun ding, terwijl de mens het erger maakt door zijn wangedrag te rechtvaardigen met morele argumenten. Maar zo erkent hij dat mensen rekening moeten houden met het belang van anderen, oftewel liefdevol zouden moeten zijn. Door zijn pogingen om zich met drogredenen goed te praten veroordeelt een mens zichzelf. Het doet mij denken aan Jezus’ kritiek op de farizeeën:
"Was u maar blind! Dan zou u zonder zonde zijn. Maar u beweert dat u ziet. En daarom zit u vast in uw zonde." (Johannes 9:41 WV)
Dieren zijn blind wat morele overwegingen betreft. Maar veel mensen weten goed waarmee ze bezig zijn, en volharden toch in de boosheid, en dat maakt hun situatie erger.
We zouden het beter hebben over de wet van de sterkste, want wanneer de sterkste zijn wil doordrukt, stelt hij de wet. Dat is vaak een onrechtvaardige wet, zeker wanneer de overheid de zwakke niet beschermt, ofwel bij gebrek aan middelen, ofwel als gevolg van politiek beleid, gebaseerd op een ideologie waarin medeleven scheef bekeken wordt. Dat doet denken aan het sociaal darwinisme, dat de 'survival of the fittest’ toepast op maatschappelijke verhoudingen.
In de wereld geldt vaak het recht van de sterkste, terwijl Jezus staat voor het recht van de zwakste, en die uitdrukking is wél goed gekozen, want de zwakke heeft afdwingbare mensenrechten nodig om waardig te kunnen leven. Wie sterk is, vergeet misschien dat ook hij vroeg of laat zwak zal zijn. Als hoogbejaarde is iedereen hulpbehoevend. En bij ziekte, ongeval, werkloosheid, financiële tegenslagen … hebben we nood aan sociale bescherming. Het is niet alleen moreel zorgwekkend, maar ook kortzichtig om voorstander te zijn van het recht van de sterkste. Bovendien zal ook de sterkste en rijkste persoon ter wereld, eens als zwakke mens voor God staan, en dan krijgt hij een koekje van eigen deeg.
In het boek Exodus leidt de wet van de sterkste eerst tot onrecht, en nadien tot recht. Het gaat over de zeven dochters van Jetro. Dat lijkt een sprookje, maar ik ken een straffer hedendaags waargebeurd verhaal: een West-Vlaams gezin met tien dochters, tot wanhoop van de ouders die hoopten op mankracht voor de boerderij.
"De priester van Midjan (Jetro) had zeven dochters. Zij kwamen daar water putten en vulden de drinkbakken om de schapen en geiten van hun vader te drinken te geven. Maar er kwamen ook herders, die hen wilden wegjagen. Daarop schoot Mozes hun te hulp en gaf het vee te drinken. Toen ze thuiskwamen, vroeg hun vader … hoe het kwam dat ze die dag zo snel terug waren. ‘Er was een Egyptenaar die ons te hulp kwam tegen de herders,’ antwoordden ze, ‘en hij heeft ook water voor ons geput en de dieren te drinken gegeven.’" (Exodus 2:16-19 NBV21)
De herders wilden zich met geweld water toe-eigenen, maar Mozes had ongetwijfeld een militaire opleiding genoten, en kon die dochters beschermen. Dit fait divers leidde tot een huwelijk met één van hen – Sippora – en later zal Jetro Mozes wijzen op de noodzaak bevoegdheden te delegeren. Het was slechts een banaal incident, maar Mozes keek niet de andere kant op. Later is er een mega-confrontatie en trotseert Mozes op Gods vraag, de dictatoriale macht van Farao, en zo wordt een volk uit slavernij bevrijd.
Het verhaal van die zeven dochters kent oneindig veel varianten, ook in onze tijd. Er is niets mis met macht zolang die goed gebruikt wordt, maar de verleiding is groot om dat niet te doen. Je hebt pestgedrag op school of machtsmisbruik op de werkplek, elders worden mensen van hun grondgebied verjaagd en er is grootschalig misbruik door autoritaire regimes en multinationals. Politieke, militaire en economische macht worden gruwelijk misbruikt, en dat is dan ‘het onrecht van de sterkste’.
Bijbelse lessen vragen om toepassing in de dagelijkse realiteit, en de tegenstelling tussen machtsmisbruik en het verdedigen van de zwakke kom je overal tegen, ook in bestuursorganen. Vaak is daar geen ruimte voor morele overwegingen, wanneer die winst, efficiëntie of macht in de weg staan. Gewetensbezwaren worden dan genegeerd met de woorden "Je moet niet te veel scrupules hebben." oftewel "Il ne faut pas avoir des états d'âme". Daar tegenin gaan, druist in tegen de collegialiteit. Maar we moeten handelen overeenkomstig ons geweten, en het is nodig dat iemand dienst doet als moreel kompas, en wijst op waarden die wellicht vermeld staan in de missie van het bedrijf of de organisatie.
Met de woorden "breng ons niet in beproeving, maar red ons van het kwaad" kunnen we God vragen om wijsheid en moed om beproevingen waar we doorheen moeten, te doorstaan. En we bidden dat Hij onze levensomstandigheden bijstuurt, zodat we bespaard blijven van dilemma’s die we niet aankunnen.
#151 Leg het eens uit in je eigen woorden!
over authenticiteit en autoriteit (8')
12/04/2026
Tekst van de video
Jaren geleden zei een schooldirecteur dat hij een verschil zag bij godsdienstleerkrachten tussen zij die een studiereis hadden gemaakt naar Israël, en zij die dat niet hadden gedaan. Wanneer de eerste groep uit Bijbel vertelde, klonk dat als een waar gebeurd verhaal. Maar bij de tweede groep kwam het over als een sprookje. Tonaliteit en lichaamstaal verraden je diepste overtuiging. Tonaliteit verraadt authenticiteit. Kennis die bekomen of bevestigd werd door persoonlijke ervaring klinkt overtuigender dan boekenwijsheid.
Jezus’ woordgebruik, lichaamstaal en handelen vormden een eenheid. Zijn authenticiteit maakte diepe indruk op zijn tijdgenoten, en gaf Hem een ongeziene autoriteit.
" … de eerstvolgende sabbat ging Jezus naar de synagoge om er te onderwijzen. De mensen waren diep onder de indruk van zijn onderwijs, want Hij onderwees hen als een gezaghebbende en niet zoals de Schriftgeleerden." (Markus 1:21-22 Gods Boek)
" … de vele toehoorders waren diep onder de indruk. Ze vroegen: ‘Waar haalt die Man dat toch vandaan, hoe komt Hij aan die wijsheid en hoe is het mogelijk dat Hij die wonderen doet? Is dit niet de bouwer, de zoon van Maria en broer van Jakobus, Joses, Judas en Simon? En zijn zussen wonen toch hier bij ons?’" (Markus 6:2-3 Gods Boek)
Wie een studiereis gemaakt had, sprak met gezag, en dat geldt nog meer voor de buitenlandcorrespondent die daar langer verblijft. Ik beluister hen graag – die journalisten weten waarover ze praten.
Jezus sprak over God en mens en over de hemelse dimensie, en Hij wist waarover Hij het had. Zoveel beter dan de buitenlandcorrespondent, want de hemel is zijn woonplaats van in eeuwigheid, en het universum zijn creatie. Jezus had kennis uit de eerste hand. Dat was niet aangeleerd, want Hij is de ultieme kennisbron. Terecht omschrijft Johannes Hem als "het Woord". Ik beluister Jezus graag. Veel van zijn uitspraken zijn vensters op de eeuwigheid.
"Ik ben het brood dat leven geeft en dat uit de hemel is neergedaald; als iemand van dit brood eet, zal hij voor eeuwig leven. Het brood dat Ik geef om de wereld te doen leven is mijn lichaam." (Johannes 6:51 Gods Boek)
We hebben het begrip ‘authenticiteit’ geïllustreerd met de leerkracht, de buitenlandcorrespondent en Jezus. Maar we kunnen die overwegingen ook toepassen op onszelf, en daarvoor vergelijken we ons met een student. Die moet investeren in zijn studies, en wel op een verstandige manier. Want wie alles van buiten leert, zonder de leerstof te begrijpen, valt door de mand, en dat is maar goed ook want met papegaaien kom je niet ver. Je staat pas sterk wanneer je de materie begrijpt, en jouw kennis kan staven met praktijkervaring. Zo verwerf je competenties die nuttig zijn in het echte leven.
Die uitleg geldt ook voor onze geloofsovertuiging. In een multiculturele samenleving die kritisch staat tegenover het christelijk geloof, kan die overtuiging slechts overleven wanneer ze diepgeworteld is in het denken en in de levenservaring. Willen we een authentiek geloof dat de confrontatie met het lastige leven aankan, dan moeten we ons inspannen zoals die student. We moeten ons de theorie van het geloof eigen maken en haar ook toepassen in de praktijk tot ze ons ganse leven kleurt.
Zo’n geloof heeft een grote meerwaarde want het biedt antwoorden op de levensvragen – antwoorden die werken in de praktijk. Wie dat heeft ervaren, kan slagen in het examen van het leven, en is ook klaar om het gesprek met andersdenkenden aan te gaan. Hij weet waarover hij spreekt en komt geloofwaardig over want zijn tonaliteit verraadt de authenticiteit.
In het examen wiskunde krijg de student geen eenvoudige rekensommen, maar algebra en driehoeksmeting … Dat onder de knie krijgen vraagt een serieuze investering. Ook het examen van het leven bevat moeilijke geloofsvragen betreffende alle facetten van ons bestaan – vragen waarop we ons best voorbereiden. Anderen zijn ons daarin voorgegaan, en veel van die wijsheid staat op het internet. Maar we moeten kritisch zijn en in de eerste plaats zelf ons huiswerk doen. Gods Geest wil ons helpen om de leerstof te verwerken, maar wij moeten tijd vrijmaken en de smartphone even opzij leggen.
Lukt het ons om moeilijke aspecten van Gods boodschap duidelijk en begrijpelijk voor onszelf uit te drukken, dan wordt de Bijbelse theorie pertinente waarheid. En passen we die in de praktijk ook toe, dan wordt het doorleefde waarheid. Die kennis en ervaring geeft zelfvertrouwen, en ook een groter vertrouwen in God, want zijn woord wordt dan bevestigd door het echte leven. Ik mocht dat als jurist vaak ervaren: de Bijbelse visie op mens en maatschappij, en Gods wetten en adviezen, werden door het leven geconfirmeerd, want ik zag hoe problemen konden voorkomen of opgelost worden, wanneer Gods woord werd toegepast.
Hebben we in de leerschool van het leven die duidelijke en begrijpelijke uitleg gevonden, dan kunnen we ook anderen helpen, want velen zitten met dezelfde vragen. Vaak hebben ze intuïtief en door eigen studie een begin van antwoord, en het maakt hen blij wanneer dat wordt bevestigd, geëxpliciteerd en verstandelijk onderbouwd.
"Want degene van wie men het meest leert, is niet hij die je iets leert dat je nog niet wist, maar hij of zij die je helpt om een waarheid die het voorwerp was van een innerlijke zoektocht, helder te formuleren." (naar Oswald Chambers)
Duidelijke formulering neemt twijfel weg en zet aan tot actie, en het maakt je intellectueel weerbaar tegen manipulatie, leugen en bedrog. En zo evolueren we van student naar een ervaren correspondent, oftewel iemand die met kennis van zaken, en uit eigen ervaring, spreekt over een realiteit waarmee de meeste mensen niet vertrouwd zijn.
"Laat Christus’ woorden in al hun rijkdom in u wonen; onderricht en vermaan elkaar in alle wijsheid, zing voor God met heel uw hart psalmen, hymnen en liederen die de Geest u vol genade ingeeft." (Kolossenzen 3:16 NBV21)
Woorden die in al hun rijkdom in ons wonen – het is een mooie vergelijking, want ‘wonen’ betekent integraal deel uitmaken van het leven. Ook het feit dat we erover kunnen zingen, illustreert dat het niet beperkt is tot boekenwijsheid, maar ons ten diepste raakt. En wie op die manier rijk is, kan anderen laten delen in zijn inzichten. Hebben we daar talent en tijd voor, dan zijn aan onszelf, aan anderen en aan God verplicht om ons te verdiepen in het geloof en heldere antwoorden te zoeken op lastige vragen, zodat ook wij kunnen spreken met kennis van zaken en autoriteit.
#150 Het goede overwint!
Wishful thinking? (8')
29/03/2026
Tekst van de video
Het gaat met de wereld niet de goede kant op en misschien denk je dat uiteindelijk het kwade het goede zal overwinnen. De sterke verdrukt de zwakke, en dat is altijd zo geweest. De strijd tussen Goliath en David is ongelijk, en Davids overwinning, is de uitzondering die de regel bevestigt. Goliath staat symbool voor wie zijn macht misbruikt om anderen te verdrukken – door bruut geweld zoals in vele dictaturen en nu ook in de VS, of door digitale tools zoals in China. Maar ook rijkdom en macht worden op een subtiele, en maatschappelijk aanvaarde wijze gebruikt, om anderen te overheersen via structureel onrecht.
David staat symbool voor situaties waarin de zwakke het toch haalt, en recht geschiedt. Maar vaak trekt de zwakke aan het kortste eind, want het kwaad heeft sterke troeven:
• Afbreken gaat zoveel sneller dan opbouwen.
• Criminelen en gewetenloze leiders worden niet gehinderd door morele overwegingen en gebruiken alle middelen om hun doel te bereiken. Voor wie eerlijk is en het kwaad bestrijdt, en zich wél aan regels houdt, gaat het moeizamer. Het is een ongelijke strijd.
• Structureel onrecht zit ingebakken in onze maatschappij, in het economisch weefsel en het politiek beleid, en zo veroorzaakt iedereen onrecht, bijvoorbeeld door de miljoenen tonnen afval die we dagelijks produceren en exporteren naar landen ver van hier, die we zo vergiftigen.
• In figuurlijke zin zit dat structureel onrecht ook in ons DNA. Kiezen voor het goede is niet vanzelfsprekend en daarom leidt een omkering van rollen, wanneer de zwakke aan de macht komt, meestal tot nieuw onrecht.
Toch blijkt uit een aantal zegswijzen dat we er vaak van uitgaan dat het goede het kwade zal overwinnen. Die hoop is ook een kerngedachte in het christelijk geloof. Maar is dat een terechte hoop of slechts wishful thinking?
Wie beweert dat één plus één drie is, kan dat niet eeuwig volhouden, want het is in strijd met de werkelijkheid, en die zal zich niet aanpassen aan de leugen. De overtuiging dat de waarheid het van de leugen wint, heeft een objectieve basis en houdt verband met de wezenlijke aard van de dingen. Wie leeft vanuit leugen en onrecht, bouwt op zand, en vroeg of laat stort die constructie in elkaar.
Waarheid en goedheid zijn zelfbevestigend, terwijl leugen en kwaad zichzelf ondermijnen. Het eerste is in harmonie met de diepere blijvende werkelijkheid – en dat is God. Het kwade daarentegen, is daarmee in strijd. De leugen is een ingebeelde constructie die slechts tijdelijk kan standhouden.
Maar misschien kunnen filosofische argumenten je niet overtuigen, en vrees je dat het kwade het goede zal meesleuren en vernietigen in zijn val.
Jezus gaf ons sterkere argumenten, want Hij leerde dat er meerdere werelden zijn, en dat die strijd tussen goed en kwaad niet alomvattend is. Er is (1) de gebroken materiële wereld met een daaraan verbonden spirituele realiteit – een wereld waarin de strijd tussen goed en kwaad zich afspeelt, en die wereld wordt nu met de dag vuiler, letterlijk en figuurlijk. Maar er is ook (2) een smetteloze eeuwige dimensie – de blijvende werkelijkheid waarvan Jezus afkomstig was, en waarnaar Hij is teruggekeerd. En die is niet aangetast door het kwaad. Want God kent in zichzelf geen strijd tussen goed en kwaad – er is in Hem geen duisternis. En Hij moet het in die eeuwige dimensie niet opnemen tegen concurrenten, want Hij is Koning boven alle koningen.
"God is licht, en er is in Hem in het geheel geen duisternis." (1 Johannes 1:5 GBVNT)
" … de verheven en enige Heerser, de Koning boven alle koningen en Heer boven alle heren, de enige onsterfelijke, die in ontoegankelijk licht woont en die door geen mens wordt gezien of kan worden gezien. Aan Hem komt voor eeuwig de eer en macht toe." (1 Timoteüs 6:14-16 GBVNT)
" … elke goede gave, elk volmaakt geschenk komt van boven, van de Vader van de hemellichten; bij Hem is nooit enige verandering of verduistering waar te nemen." (Jakobus 1:17 NBV21)
Johannes, Paulus en Jakobus waren het erover eens, samen met heel veel anderen: God is volmaakt en eeuwig, onkwetsbaar en boven alles verheven. Ook David had dezelfde visie en Hij beschrijft hoe God in de hemel lacht, met de mens die denkt dat hij het tegen Hem kan opnemen. Dat lachen is geen cynisme of leedvermaak, maar een voortborduren op het negatieve godsbeeld van mensen die zich verzetten tegen Gods wetten en regels die het goede promoten en de zwakke beschermen. David maakt duidelijk dat God verheven is boven het strijdgewoel. Hij is onaantastbaar, en wanneer Hij uiteindelijk als Koning tussenbeide komt – want dat heeft Hij beloofd – zal Hij zegevieren.
Ook vandaag willen de machtigen der aarde God buitenspel zetten en via technologie een nieuwe mens en een nieuwe wereld creëren – misschien op Mars – die hun belangen dient. De gedachte dat wij het beter zullen doen dan God, lijkt mij absurd. Ook omdat de mens het kwade in zichzelf ontmoet en er eigenmachtig niet kan voor zorgen dat het goede het kwade overwint.
Jezus bewees, door de wonderen die Hij deed, dat Hij de unieke liefdevolle Zoon van God is, die de waarheid sprak. Aan het kruis leek het even dat het kwade het goede had vermoord. Maar Hij overwon de dood, en beloofde dat ook wij straks kunnen binnentreden in die smetteloze eeuwige dimensie, en dat de gebroken wereld plaats zal maken voor een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.
Vóór de verrijzenis waren de discipelen daar niet zo gerust in, en Jezus reageerde daarop met de woorden "Als dat niet zo was, zou Ik het jullie wel gezegd hebben". Zo verzekerde Hij hun dat Hij niets verzweeg dat van invloed was op hun eeuwige bestemming en dat het goede zal overwinnen.
De vraag wie de strijd zal winnen stelt zich niet in die eeuwige dimensie, en David maakt in zijn profetische tekst duidelijk dat God ook zegeviert wanneer Hij in onze wereld tussenbeide komt.
God zette de belangrijkste stap in het herstelproces via Jezus 2000 jaar geleden, want het pad tussen God en mens werd toen geëffend. Nu is het uitkijken naar de volgende stap, want Jezus beloofde recht en vrede te herstellen. Wij kunnen daaraan meewerken door Hem te volgen, door consequent te kiezen voor het goede, en door ons gebed: "Uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel" Het goede zal het kwade overwinnen – als dat niet zo was, zou Hij het ons gezegd hebben.
#149 Vriendschap
De weg van de vrede en de vriendschap (8')
15/03/2026
Tekst van de video
William Penn was de stichter van de Amerikaanse staat Pennsylvania, en anders dan veel van zijn tijdgenoten koos hij de weg van de vrede en de vriendschap.
Hij handelde zoals Jezus dat geleerd had: niet heersen maar dienen, geen dwang maar vrijheid en liefde. Zijn uitspraak "Laten we eens kijken wat liefde kan doen om een gebroken wereld te herstellen" illustreerde hoe hij de weg van de vrede en de vriendschap bewandelde. In plaats van de Indianen te bestrijden, beschouwde hij hen als zijn gelijken, en sloot hij er vredesverdragen mee.
Zijn bekendste quote luidt "Wat juist is, is juist, zelfs als iedereen ertegen is, en wat verkeerd is, is verkeerd, zelfs als iedereen ervoor is". Moraliteit en rechtvaardigheid worden niet bepaald door populariteit, maar door hun intrinsieke waarde. De quote is een oproep om te kiezen voor waarheid en rechtvaardigheid, ook in moeilijke omstandigheden. William Penn deed dat consequent, en dat leidde meermaals tot gevangenzetting. We hebben nood aan leiders zoals hij, en wie aan politiek doet vanuit christelijke inspiratie kan best zijn voorbeeld volgen.
Ik zal het niet hebben over de weg van de vrede en de vriendschap in de politiek – ook al is daar ongetwijfeld nood aan – maar wel over vriendschap in het persoonlijk leven, want daarover had Penn mooie beschouwingen, en de inleiding over zijn consequente levensstijl bewijst dat hier geen sprake is van lege woorden. En indirect beïnvloedt ons persoonlijk leven natuurlijk ook onze politieke opstelling.
"Waar geen vrijheid is, kan vriendschap niet bestaan. Vriendschap houdt van de openlucht en laat zich niet opsluiten in nauwe omheiningen. Ze spreekt vrijuit, en zó handelt zij ook. Ze neemt niet kwalijk, wat niet kwalijk werd bedoeld; en wanneer dat wél zo is, dan kan ze gemakkelijk vergeven en vergeten, na een schoorvoetende bekentenis. Vrienden zijn als een zielsverwante tweeling; ze leven in alles met elkaar mee en delen dezelfde liefde en dezelfde afkeer. De een is niet gelukkig zonder de ander, en geen van beiden zal ooit alleen zijn in zijn tegenslagen. Alsof ze hun lichaam ruilen, delen ze pijn en vreugde, en zo helpen ze elkaar in de moeilijkste omstandigheden. Waarvan de een geniet, daar zal de ander niet jaloers op zijn. Net als de eerste christenen hebben ze alles gemeenschappelijk en bezitten ze niets anders dan elkaar." (uit ‘Fruits of Solitude’ van William Penn – vrije vertaling)
Penn pleitte voor vriendschap die gekenmerkt wordt door vrijheid, openheid, eerlijkheid, vergevingsgezindheid, het delen van vreugde en verdriet, het verlenen van materiële hulp en afwezigheid van jaloezie.
De diepgang van deze tekst wijst op persoonlijke ervaring, en die goede vriendschappen waren ongetwijfeld van grote betekenis in zijn persoonlijk en publieke leven. Ik hoop dat je zo iemand kent of mag leren kennen, want dat is een onvergelijkbare rijkdom.
William Penn verwijst naar de eerste christenen. Zo verbindt hij die diepe vriendschap met zijn geloof, en dat is niet verwonderlijk, want vrijheid, openheid, eerlijkheid … waren basiswaarden in Jezus’ onderwijs, en in de praktijk van de eerste christenen. Goede vriendschappen heb je natuurlijk in alle culturen, maar het helpt wanneer jij en je entourage deze waarden hoogschatten en nastreven.
De tekst reikt ook een kapstok aan voor een reflectie over "De weg van vrede en vriendschap met God." Want het zinnetje "alsof ze hun lichaam ruilen" lijkt op wat we lezen in een song van David. In Psalm 22 beschrijft hij zijn pijn alsof het de pijn is van Jezus bij de kruisiging.
"Mijn God, mijn God, waarom heeft U mij verlaten? … ik lijk wel een worm in plaats van een man. Zó word ik vertrapt! … Iedereen die mij ziet, scheldt me uit. Ze schudden hun hoofd en zeggen spottend: "Je hebt toch de Heer om hulp gevraagd? Laat Hij je dan maar redden! … Mijn vijanden zijn overal om mij heen. Ze loeren op me en bedreigen me, als verscheurende, brullende leeuwen. Mijn leven stroomt als water uit mij weg. Ik ben helemaal uitgeput ... Mijn tong kleeft vast in mijn mond … Ze doorboren mijn handen en voeten ... Mijn vijanden kijken toe en genieten van mijn pijn. Ze verdelen mijn kleren onder elkaar. Ze loten wie mijn onderkleed mag hebben." (Psalm 22 BB)
Sommige zinnen stemmen letterlijk overeen met de beschrijving van Jezus’ kruisdood in de evangelies.
"Mijn God, mijn God, waarom heeft u mij verlaten? ... Zij schudden hun hoofd en zeggen spottend: Laat Hij je maar redden! Zij doorboren mijn handen. Ze verdelen mijn kleren onder elkaar. Ze loten wie mijn onderkleed mag hebben."
Het lijkt alsof David zó nauw verbonden is met Jezus, dat hij met Hem van lichaam ruilt, en Jezus’ pijn kan voelen. Of omgekeerd: Jezus ervaart Davids pijn. Het is niet altijd duidelijk op wie de tekst betrekking heeft want de ervaringen lopen door elkaar – angst, pijn en verlatenheid slaan op beiden, maar de doorboorde handen en het verdelen van de kleren verwijzen natuurlijk exclusief naar Jezus.
David leefde duizend jaar eerder en kon dus niet bevriend zijn met de mensgeworden Jezus in de gangbare betekenis. Maar toch delen Jezus en David hier hun gevoelens met elkaar. Hoe komt het dat David Jezus’ lijden zo gedetailleerd beschrijft?
Alles wijst op een vriendschapsrelatie in de stijl van William Penn, maar dan buiten tijd en ruimte. Wat kán aangezien Jezus bestaat in eeuwigheid, en David voeling heeft met die eeuwige dimensie. Want ook in andere songs bezingt hij zijn relatie met God: hij geniet van Gods liefde, maar deelt ook in zijn lijden.
De gelijkenis met de kruisdood kan geen toeval zijn. Misschien heeft David in een droom gezien wat eeuwen later zou gebeuren. Ofwel beschreef hij onbewust zijn persoonlijke strijd met symbolen die gelijkenis vertonen met de kruisdood. Hoe dan ook, Psalm 22 illustreert die unieke zielsverbondenheid.
Het feit dat zo'n bijzondere vriendschap tussen God en mens mogelijk is, is de essentie van het goede nieuws dat Jezus bracht. Hij is de weg van de vrede en de vriendschap tussen God en mens. En dat komt door de wisselwerking die David ervoer, waarbij Jezus onze schuld en pijn op zich nam, zodat wij vrijuit kunnen gaan. Maar de wisselwerking gaat verder want Gods Geest wil in ons wonen, zodat wij de kracht ontvangen om anders te gaan leven. Net als David kunnen ook wij die unieke zielsverbondenheid ervaren. En die weg van vrede en vriendschap met God, is een goede basis voor vrede en vriendschap met andere mensen.
#148 Een beetje pretentieus?
God eren en prijzen? (8')
1/03/2026
Tekst van de video
Mijn vorige video ging over lastige vragen. Want iemand stelde mij de vraag "Is het niet een beetje pretentieus van God dat Hij wil dat mensen Hem eren en prijzen? God wil toch dat een mens bescheiden is, waarom wil Hij dan zelf geprezen worden?"
Maar wat betekent pretentieus? Je herkent daarin het Franse woord prétendre, oftewel beweren. Wie beweert meer te zijn dan hij in feite is, of wie zijn successen volledig aan zichzelf toeschrijft, is pretentieus. Hij beseft niet dat hij zijn talenten gekregen heeft, en ook veel aan anderen te danken heeft.
Maar God die de oorsprong is van alle materie en alle leven, mag al zijn eigenschappen en successen volledig aan zichzelf toeschrijven, en kan niemand anders daarvoor danken. Hij is onbeperkt in almacht, liefde en rechtvaardigheid, en kan zich dus nooit groter voordoen dan Hij is.
Integendeel, Hij kan zich aan ons mensen, doordat ons begrip beperkt is, slechts zoveel kleiner voordoen dan Hij is.
Ons antwoord op die openbaring, onze woordenschat en eerbetuigingen, zijn dus altijd veel te zwak en te klein. Onze God kan per definitie niet pretentieus zijn, en eigenlijk hebben we zo al die lastige vraag beantwoord.
En wat betekent eren en prijzen? Eren wil zeggen dat je door je woorden of daden toont dat je iemand respecteert, waardeert en zelfs bewondert omwille van zijn persoonlijkheid en het goede dat hij verwezenlijkt. En wanneer je dat luidop verkondigt met dankbaarheid en enthousiasme, dan prijs je hem.
Je kan mensen eren door hen in de bloemetjes te zetten, een straatnaam te geven, een medaille toe te kennen of er een beeld van te maken.
Vaak is dat applaus terecht, maar eer die mensen ontvangen is niet – zoals bij God – inherent aan hun persoon, want hun verdiensten zijn deels afhankelijk van de juiste omstandigheden. Geboren worden in een ander werelddeel, tegenslag in de kindertijd, slechte vrienden … leveren ongetwijfeld een ander verhaal op. Mensen eren moet daarom gepaard gaan met de nodige reserves.
Bij autoritaire leiders wordt eerbetoon afgedwongen en is het omgekeerd evenredig met hun werkelijke verdiensten. Het applaus moet hun ego strelen en hun slecht geweten verdoven. Autoritaire leiders zijn zo verblind dat zij geveinsde en leugenachtige complimenten toch op prijs stellen.
God daarentegen is onze eerbetuigingen meer dan waard, maar Hij heeft een afkeer van onoprechte complimenten.
" … Dit volk eert Mij alleen met woorden, ze bewijzen Mij slechts lippendienst, maar hun hart is niet bij mij. Hun ontzag voor Mij is door mensen opgelegd en aangeleerd." (Jesaja 29:13 GNB)
God wijst eerbetoon uit verplichting of uit gewoonte of traditie af, en vraagt geen medailles, straatnamen, kunstwerken of kathedralen. Maar oprechte bewondering en gemeende complimenten stelt Hij wel op prijs.
God is volmaakt, zonder tekorten of gebreken. Complimenten zijn dus echt op hun plaats. Want Hij is de bron van alle leven, en zoals Jezus illustreerde, is Hij liefde, waarheid en rechtvaardigheid in persoon.
Maar lang vóór Jezus’ komst werd Jahweh al met groot enthousiasme geëerd en geprezen, omwille van zijn liefde, trouw en almacht.
"Ik zal van harte dankliederen voor U zingen. … Want zo hoog als de hemel is, zó groot is uw liefde. Uw trouw komt tot aan de hoogste wolken. God, laat aan de hemel en aan de hele aarde zien hoe machtig U bent." (Psalm 108 BB)
"Halleluja! Prijs de Heer in zijn heiligdom. … Prijs Hem voor de machtige dingen die Hij doet. Prijs Hem omdat Hij geweldig is. … Laat alles wat adem heeft de Heer prijzen! Halleluja!" (Psalm 150 BB)
Omdat God compleet en volmaakt is in zichzelf, heeft Hij ons eerbetoon eigenlijk niet nodig. Toch vraagt Hij dat we Hem eren en prijzen, en ik zie daarvoor twee redenen.
Door Hem te eren en te prijzen zetten we God en onszelf op de juiste plek. We erkennen volmondig en enthousiast zijn bijzondere eigenschappen, en bevestigen dat alles wat goed en mooi is, uit Hem voortkomt. Wanneer we God prijzen, verkondigen we dus waarheden die er echt toe doen. En prijzen doen we niet enkel met ons verstand, maar ook met onze emoties, hart en wil.
Zo maken we de Allerhoogste niet groter dan Hij is, maar we zetten Hem en onszelf op de juiste plek. En dat is het vertrekpunt voor een vruchtbare relatie met God. Ons leven is dan gebaseerd op de diepere fundamentele realiteit.
Gods vraag om Hem te eren, is dus geen blijk van eigenliefde, maar van zijn liefde voor de waarheid en voor de mens. Die instructie geeft aan hoe we ons moeten opstellen, opdat het ons goed zou gaan, want God heeft ons eigenlijk niet nodig.
" … de stier uit je stal heb Ik niet nodig, noch de bokken uit je kooien. Mij behoren de dieren van het woud, de beesten op duizenden bergen ... Had Ik honger, Ik zou het je niet zeggen, van Mij is de wereld en wat daar leeft. … Breng God een dankoffer, geef de Allerhoogste wat je Hem belooft. Roep Mij te hulp in tijden van nood, Ik zal je redden, en je zult Mij eren." (Psalm 50:9-15 NBV21)
God heeft onze offers niet nodig, want alles behoort Hem toe. Maar door onze eerbetuigingen zetten we Hem als Allerhoogste op de juiste plek, en bouwen we aan een relatie waarin Hij ons zal helpen in kwade en goede dagen.
Wanneer je iemand een cadeau wil geven, hoor je vaak "Eigenlijk hebben we al alles". Je geeft dan geen materiële spullen, maar je toont je genegenheid op een andere wijze – misschien een bongobon.
Hoewel God niets nodig heeft, kunnen we zijn liefde beantwoorden met een dankoffer zoals die psalm vermeldt. God is in wezen liefde en schiep mensen die een beetje op Hem lijken, en dus ook liefde kunnen ontvangen en geven. Hoewel Hij menselijke eerbetuiging niet nodig heeft, verlangt Hij naar een positieve respons van onzentwege.
De onkwetsbare God stelt zich kwetsbaar op – dat zagen we in Jezus – en door God te eren en te prijzen maken we Hem blij, en troosten we Hem voor alle pijn die Hij ervaart voor zoveel afwijzing en zoveel kwaad.
Velen geven God de schuld van datgene waaraan mensen schuldig zijn. Wie God kent, kan Hem troosten en verblijden door zijn kwaliteiten – zijn goedheid, rechtvaardigheid en liefde – in de verf te zetten. En dat doe je ondermeer door Hem te eren en te prijzen. Dat is het minste wat je voor Hem kan doen!
#147 Lastige vragen
... over het leven en over God (8')
15/02/2026
Tekst van de video
Iemand vertelde mij dat zij zich weinig vragen stelt over haar geloof. Haar dochter gelooft ook, maar die stelt moeilijke vragen.
"Is het niet een beetje pretentieus van God dat Hij wil dat mensen Hem eren en prijzen? God wil toch dat een mens bescheiden is, waarom wil Hij dan zelf geprezen worden?"
Moeder vroeg mij om raad. Ik heb dan maar mijn huiswerk gemaakt, en aan hen bezorgd. Zij waren tevreden en dat antwoord vind je in een volgende video.
Maar vandaag bekijk ik onze houding tegenover lastige vragen.
De kritische vraag van die dochter toont dat ze nadenkt over Gods persoonlijkheid, zaken die ze niet begrijpt in vraag durft stellen, en dingen wil doen uit overtuiging.
Haar houding getuigt dus van oprechtheid. Ze beschouwt ‘pretentieus zijn’ als slecht, gaat uit van een positief godsbeeld, en wil een antwoord op zaken die daar tegenin lijken te gaan. Want zolang haar vraag onbeantwoord blijft, is het natuurlijk moeilijk om God te eren en te prijzen.
Haar moeder stelt zich zo geen moeilijke vragen en dat doet mij denken aan Jezus’ opdracht om te worden als een kind. Maar kinderen kunnen ook leergierig zijn, en als wij met lastige vragen zitten, dan verdringen we die best niet, maar dan moeten we zoeken naar een duidelijk antwoord. Hebben we dat gevonden, dan is er een stevige basis waarop we verder kunnen bouwen. Want aan een geloof vol onzekerheden, oppervlakkige gedachten en vage gevoelens hebben we niet veel – we kunnen dat niet in de praktijk omzetten, en evenmin aan anderen doorgeven.
Er zijn natuurlijk vragen die onbeantwoord blijven. In het Bijbelboek Job maakt God duidelijk dat sommige zaken ons begrip te boven gaan, maar dat Hij het zich wél aantrekt, en ook zal zorgen voor een goede uitkomst, en dat inzicht brengt ook rust en levensvreugde.
Duidelijke antwoorden maken ons sterk, en stellen ons in staat om anderen te helpen, want velen zitten met dezelfde lastige vragen. Vaak hebben mensen al een begin van antwoord, en het maakt hen blij wanneer hun soms kwetsbare overtuiging wordt bevestigd en verstandelijk onderbouwd door begrijpelijke argumenten.
Dat doet mij denken aan de Emmaüsgangers die met Jezus in gesprek waren, vóór ze Hem herkenden. "Brandde ons hart niet toen Hij onderweg met ons sprak, en de Schriften voor ons ontsloot?" (Lukas 24:32 NBV21)
Het echt begrijpen van Gods Woord, en het vinden van antwoorden op de moeilijke vragen over het leven en over God, brengt enthousiasme en blijdschap.
Ook in Psalm 119 zie je dat. Sommige Bijbels vermelden als titel "De heerlijkheid van de wet", want bladzijdelang wordt bezongen hoe prachtig Gods wetten zijn. Dat is vreemd, want het woord heerlijk doet denken aan een lekkere maaltijd … en niet aan een wetboek! Maar toch wordt met groot enthousiasme bezongen hoe voortreffelijk het kader is dat God aanreikt – een kader dat garant staat voor rechtvaardigheid, en bedoeld is om een gelukkig leven te schenken, en niet om ons te kortwieken.
Wij zijn vertrouwd met een staatsbestel dat machtsmisbruik moet inperken, en met wetgeving die veelal gericht is op het algemeen belang, maar autocratische regimes zijn in opmars en in oude beschavingen was dat de algemene regel. De alleenheerser handelde meestal uit eigenbelang, en veel wetten en praktijken waren een gesel voor de gewone man.
Dat was ook zo in het Nabije Oosten en het enthousiasme voor Gods wetten met hun sterk ethisch en sociaal karakter is daar niet vreemd aan. Machtsconcentratie, onrecht, armoede en seksueel misbruik werden door die wetgeving bestreden. Zelfs de koning stond onder Gods wet, en zoiets was in de oudheid heel uitzonderlijk.
God verlangt dat we zijn Woord onderzoeken, want zo kunnen veel lastige vragen beantwoord worden.
"Neem de sluier van mijn ogen – dan zal ik zien hoe wonderlijk mooi uw wet is." "Hoe lief heb ik uw wet, heel de dag is hij in mijn gedachten." (Psalm 119:18 & 97 NBV21)
De schrijver wil begrijpen wat hij leest – niet alleen intellectueel, hij wil dat het hem emotioneel ook raakt, en vraagt dat God hem daarbij helpt. Hij is er in gedachten heel de dag mee bezig – het is een prioriteit, die zijn leven diepgaand tekent.
Gods leefregels zijn wonderlijk mooi – wie zo enthousiast is, heeft het écht begrepen, en kan zijn inzichten met overtuiging verdedigen en aan anderen doorgeven.
Dat sluit aan bij wat Oswald Chambers schreef. Misschien ken je het dagboek van die Schotse predikant. Daarin lees ik:
"Degene van wie je het meest leert, is niet degene die je iets leert dat je nog niet wist, maar degene die je helpt om een waarheid die het voorwerp was van een innerlijke zoektocht, helder te formuleren."
Een duidelijke formulering neemt twijfel weg en zet aan tot actie. Hebben we daar het talent en de tijd voor, dan zijn we aan onszelf, aan anderen en aan God verplicht, om ons te verdiepen in zijn Woord. God zal ons dan inspireren en antwoorden geven op lastige vragen.
Het boek vermeldt als ondertitel "één minuut meditaties". Die toegeving aan de gehaaste tijdgeest, is tegengesteld aan de boodschap van Oswald Chambers die aandringt op een innerlijke zoektocht want op 1 minuut vind je geen antwoord op moeilijke vragen.
Chambers gaf de volgende raad aan zijn studenten theologie:
"Als je je gedachten over een waarheid die God je gegeven heeft, niet helder kunt verwoorden, worstel dan tot je dat wel kunt. Anders kun jij het niet doorgeven en zal iemand anders er zijn hele leven armer door zijn."
Chambers’ ideeën vloeien voort uit mooie Bijbelteksten.
"Mijn zoon, als je in acht neemt wat ik zeg, mijn richtlijnen altijd onthoudt, een open oor hebt voor wijsheid, een geest die neigt naar inzicht, als je erom vraagt de dingen te begrijpen, roept om scherpzinnigheid, ernaar zoekt als was het zilver, ernaar speurt als naar een verborgen schat – dan zul je ontdekken wat ontzag voor de HEER is, dan raak je met God vertrouwd. Want het is de HEER die wijsheid schenkt, zijn woorden bieden kennis en inzicht." (Spreuken 2:1–6 NBV21)
Wat is de conclusie? We moeten zoeken naar duidelijke antwoorden, en lastige vragen verdringen we die best niet. Want aan een geloof vol onzekerheden hebben we niet veel, integendeel, wanneer het leven echt moeilijk wordt biedt dat geen houvast en raken we ontgoocheld. Maar hebben we duidelijke antwoorden, dan is er een stevige basis waarop we verder kunnen bouwen.
#146 Een pseudo-christendom
Brieven uit de hel (8')
1/02/2026
Tekst van de video
Misschien ken je C.S. Lewis als de auteur van "De kronieken van Narnia". Maar Lewis schreef vooral boeken voor volwassenen, waaronder "Brieven uit de hel". Dat is een denkbeeldige correspondentie waarin een geslepen duivel, zijn onervaren neefje leert hoe hij godsdienstige mensen op een subtiele wijze kan misleiden. Hij probeert het geloof van binnenuit te ondermijnen door in te spelen op menselijke zwakheden, zoals egoïsme, trots en angst. Zijn taalgebruik is religieus – de verwijzing naar God staat centraal – maar door een omkering van waarden wordt de boodschap gewijzigd in het tegenbeeld van het evangelie.
Als je het boek plaatst in onze tijd, dan zie je dat de tactiek om het geloof van binnenuit te ondermijnen vandaag in sommige landen erg succesvol is. Het leidt tot een pseudo-christendom met een fanatieke ideologie van zelfverheerlijking en machtsmisbruik, zonder aandacht voor wie kwetsbaar is, en voor fundamentele rechten.
Wanneer je een land wil bestrijden, kan je dat doen door het van buitenaf aan te vallen of door het innerlijk te verzwakken. Vandaag worden beide technieken gebruikt bij gewone en hybride oorlogsvoering.
Als je het geloof wil bestrijden dan kan dat via brutale acties van buitenaf. Zo worden in Noord-Korea tienduizenden christenen opgesloten in concentratiekampen in erbarmelijke omstandigheden.
Maar je kan door hybride oorlogsvoering het geloof ook van binnenuit verzwakken. Die "Brieven uit de hel" illustreren hoe een strijd die gericht is op het manipuleren van gedachten en emoties, kan verlopen. En op termijn leidt een gecorrumpeerd geloof natuurlijk ook tot brutale acties.
Zowel van het ene als van het andere vind je tal van voorbeelden in de geschiedenis. Zo plunderde Antiochus IV op de terugweg van zijn vergeefse veldtocht naar Egypte, de tempel in Jeruzalem. Dit leidde tot een opstand die hij met harde hand onderdrukte. In de tempel werd een altaar voor Zeus geplaatst waarop varkens werden geofferd, en er kwam een verbod op de naleving van Joodse wetten, feesten en gebruiken, op straffe van de dood.
Judas de Makkabeeër kon vier jaar later de tempeldienst herstellen, en toen Jeruzalem nadien door de Romeinen werd veroverd, bleef de godsdienstvrijheid gewaarborgd.
Maar het geloof verzwakte van binnenuit door religieuze leiders die zich gedroegen als handlangers van de Mammon. Zij die een voorbeeldfunctie hadden, brachten het geloof in diskrediet. Hun pseudo-geloof in Jahweh reikte zelfs argumenten aan om Jahwehs Zoon te doden.
In de latere geschiedenis waren veel zogenaamd christelijke politieke en religieuze leiders in hetzelfde bedje ziek, denk maar aan de kruistochten, en aan de inquisitie waarbij in naam van God andere christenen gemarteld en gedood werden. C.S. Lewis heeft ongetwijfeld inspiratie gevonden in de kritiek van Jezus op de schriftgeleerden en farizeeën want Jezus noemde hen zonen van de duivel.
"Weet u waarom u mijn taal niet verstaat? Omdat u niet in staat bent te luisteren naar mijn woord. U bent zonen van de duivel, die is uw vader, en u doet niets liever dan uitvoeren wat uw vader in de zin heeft. Vanaf het begin stond hij de mens naar het leven en bevond hij zich buiten de waarheid, omdat er in hem geen waarheid is … hij is een geboren leugenaar. Maar Mij, iemand die de waarheid zegt, gelooft u niet. Kan iemand van u aantonen dat Ik mij aan bedrog bezondig? Als Ik dus de waarheid verkondig, hoe komt het dan dat u Mij niet gelooft? Alleen degene die uit God is, luistert naar de woorden van God. En daarom luistert u niet, omdat u niet uit God bent.’
Hierop antwoordden de Joden: ‘Hebben we geen gelijk als we zeggen dat U een Samaritaan bent en van de duivel bezeten?’ (Johannes 8:43-48 WV)"
Wie zichzelf en de Mammon aanbidt, is niet in staat om te luisteren naar Jezus. Hij zit in een andere denkwereld, verstaat Gods taal niet en begrijpt niet wat er in Gods Woord geschreven staat. Hij kàn de waarheid niet accepteren, omdat die niet in zijn kraam past. Maar misschien probeert hij dat geloof wél te misbruiken om zijn eigen positie te versterken. En aangezien het Bijbelse geloof de gewone mens centraal stelt, en medeleven hoog waardeert, moet hij dan die boodschap aanpassen door leugen en bedrog. Als zo iemand bovendien beschouwd wordt als Gods uitverkorene, dan verkrijgen zijn woorden en daden goddelijk gezag. Hij staat boven de wet en wordt onaantastbaar.
Jezus was machtig, maar gebruikte zijn macht niet om over anderen te heersen. Hij was de goedheid en de waarheid in persoon – niemand kon Hem betrappen op een leugen. De farizeeën sluiten de ogen voor wie Hij is en wat Hij doet, en demoniseren Hem door Hem uit te schelden voor een ketter en een vreemdeling, en een bezetene. Het is de omgekeerde wereld, en een goedkope manier om niet te moeten ingaan op de inhoud van zijn boodschap.
Ook in onze tijd wordt het geloof van binnenuit gecorrumpeerd door een pseudo-christendom, zonder aandacht voor fundamentele rechten en voor wie kwetsbaar is. Leiders die kiezen voor rijkdom en macht, verstaan de taal van het evangelie niet en legitimeren gedrag dat door Gods profeten telkens weer werd aangeklaagd.
"Wee degenen die onrechtvaardige wetten uitvaardigen, die de onderdrukking wettelijk bekrachtigen. Zij verdraaien het recht van de zwakken en ontnemen de armen van mijn volk hun deel." (Jesaja 10:1-2 NBV21)
"Breek met het kwaad en leer goed te doen. Zoek het recht, houd tirannen in toom, kom op voor wezen, sta weduwen bij." (Jesaja 1:16-17 NBV21)
" … wees goed en zorgzaam voor elkaar; onderdruk … ook geen vreemdelingen en armen, en wees er niet op uit om een ander kwaad te doen." (Zacharia 7:9-10 NBV21)
De profeten reageerden tegen geweld, machtsmisbruik en decadentie, maar vooral in hoofde van politieke en religieuze leiders. Die profeten zeggen wat respect voor traditionele normen en waarden, en recht en orde werkelijk inhoudt. Ook vandaag zou de kerk een tegenstem tegen onrecht moeten zijn, en niet mogen applaudisseren voor leiders die egoïsme presenteren als het hoogste goed. Ik hoop dat velen die karikatuur van het christelijk geloof zullen afwijzen, maar Jezus zullen omarmen.
Met het hoofdpersonage van het boek loopt het goed af, dankzij zijn toenemend inzicht, zijn juiste keuzes en Gods liefdevolle bijstand, en dat wil ik ook jullie toewensen.
#145 Wat wil je dat Ik voor je doe?
Over de blinde en de eunuch (8')
18/01/2026
Tekst van de video
In mijn vorige video zagen we dat niet het recht van de sterkste, maar het recht van de zwakste erkend moet worden, en dat brengt ons bij onze houding tegenover mensen met een handicap. Enerzijds zijn tal van steunmaatregelen en dat heeft veel te maken met de christelijke traditie, maar de rolmodellen in onze cultuur staan vooral symbool voor de sterksten – mensen die uitblinken in rijkdom, uiterlijke schoonheid en status, niet in goedheid en medeleven. Ook is er een toenemende verharding in het politiek discours, met minder ruimte voor empathie.
Die christelijke traditie is het gevolg van de aandacht van de Bijbelse God voor wie kwetsbaar is, wat blijkt uit Gods wetten en uit Jezus’ woorden en daden. Gewone mensen, weduwen en wezen, slaven en vreemdelingen werden door Gods wetten beschermd. Op papier, want één derde van het Oude Testament bestaat uit geschriften van profeten die vaak aanklaagden dat die wetten werden genegeerd.
Experten hebben vaak moeite om mensen die hen advies vragen, te laten uitspreken. Na enkele woorden, denken ze te weten wat het probleem is, en omdat ze het druk hebben, komen ze liever direct terzake. De vraagsteller voelt zich dan een beetje gepasseerd. Want hij wil een antwoord krijgen, maar ook serieus genomen worden, en dat kan slechts als er echt geluisterd wordt.
Jezus was de expert bij uitstek, had inzicht in de mens en was overbevraagd. Toch zien we dat Hij telkens weer tijd vrijmaakt voor mensen in nood, en zelfs vragen stelt waarop Hij het antwoord al weet. Waarom? Omdat Hij respect heeft voor de persoon, en wil dat die betrokken wordt in alles wat zijn leven aangaat, en daarover zelf beslist.
"Toen Jezus met zijn leerlingen en een heel grote groep mensen weer uit de stad vertrok, zat er een blinde bedelaar langs de kant van de weg. Dat was Bartimeüs …. Toen hij hoorde dat Jezus van Nazaret langs kwam, begon hij te roepen: ‘Jezus, Zoon van David, help me alstublieft!’ De mensen werden boos op hem en zeiden dat hij zijn mond moest houden. Maar hij riep nog veel harder: ‘Zoon van David, help me alstublieft!’ Jezus bleef staan en zei: ‘Roep hem hier.’ Toen riepen ze de blinde man. Ze zeiden tegen hem: ‘Rustig maar! Sta op, Hij roept je.’ Hij … stond op en ging naar Jezus. En Jezus vroeg hem: ‘Wat wil je dat Ik voor je doe?’ De blinde man antwoordde: ‘Meester, ik wil zo graag kunnen zien!’ Jezus zei tegen hem: "Ga naar huis, je geloof heeft je gered." Onmiddellijk kon hij zien en hij volgde Hem op de weg." (Markus 10:46-52 BB)
De omstanders zagen de gehandicapte als een lastpost die zijn mond moest houden – iemand waarvoor ze zich geneerden. Maar Jezus hoorde hem roepen, bleef staan, en vroeg om de man bij Hem te brengen. Dat bewerkte een ommekeer bij het publiek. Want nu helpen ze de blinde en spreken ze hem moed in. Jezus kwam naar de wereld om gebroken mensen te herstellen, en deze gebeurtenis illustreert dat.
De vraag "Wat wil je dat Ik voor je doe?" lijkt overbodig want natuurlijk wist Jezus dat die man wou genezen worden. Maar het illustreert dat Jezus de gehandicapte erkende als een mondig mens, en niet in zijn plaats besliste. De blinde wordt trouwens met naam genoemd – Bartimeüs. Dat heeft wellicht te maken met de laatste zin, want zo konden de apostelen hem persoonlijk leren kennen.
"Wat wil je dat Ik voor je doe?" vraagt Jezus ook aan ons wanneer wij Hem opzoeken en hulpbehoevend zijn. En dat zijn we allemaal, want ook machtige, intelligente en knappe mensen, kunnen vervreemd zijn van zichzelf, van hun omgeving en van God. Op tal van vlakken zijn ze dan gehandicapt.
Bartimeüs werd wonderlijk genezen, maar heel veel gehandicapten doorheen alle tijden hebben niet dat voorrecht. Toch heeft God ook voor hen een hoopvolle boodschap die betrekking heeft op het leven hier en nu, en op het eeuwige leven. Dat blijkt ook uit de volgende boodschap voor gehandicapte mannen.
"Als iemand van een ander volk zich bij de Here aansluit, laat hij dan niet zeggen: ‘De Here zal mij achterstellen bij zijn eigen volk.’ Zelfs als hij een eunuch is, moet hij niet denken minderwaardig te zijn. Want dit zeg Ik over de eunuch die de sabbat in ere houdt, zich gedraagt zoals Ik dat wens en weet dat hij deel uitmaakt van mijn verbond: Ik zal hem in mijn huis, binnen mijn muren een naam geven die uitgaat boven de eer die hij zou ontvangen als hij zonen en dochters had. Want de naam die Ik hem zal geven, is een eeuwige, hij zal nooit verdwijnen." (Jesaja 56:3-5 HTB)
Israëlieten hadden een afkeer van castratie – een traumatische ervaring die het leven diepgaand tekent. Maar God toont geen minachting voor deze mensen met een gebroken seksualiteit, want zij worden opgeroepen zich bij Hem aan te sluiten, en zich te gedragen zoals Hij dat wenst. Dan kan Hij hen zegenen en in bescherming nemen, want dat hoort bij dat verbond. Ook wij worden hier indirect aangespoord om met onze gebrokenheid bij God te komen, en om respect te hebben voor mensen met een handicap.
En dan is er dat langetermijnperspectief. De eunuch had geen nageslacht en zijn naam werd dus uitgewist. Maar wanneer hij toetreedt tot het verbond, krijgt hij een nieuwe naam, en dat staat voor een nieuwe persoonlijkheid die zal leven in een vernieuwde schepping. Die belofte werd door Jezus verder uitgewerkt.
"Wie overwint, zal Ik het verborgen manna geven. Ook zal Ik hem een wit steentje geven en op dat steentje zal een nieuwe naam staan, die niemand kent behalve de persoon die hem krijgt." (Openbaring 2:17 Gods Boek)
Straks is het gevecht om den brode, waar zovelen nu mee te maken hebben, verleden tijd, want God voorziet, in die nieuwe tuin van Eden, zelf in voedsel. Een wit steentje symboliseerde in de oudheid de vrijspraak in een rechtszaak, en werd ook gebruikt als toegangsticket tot een theater, of hier tot Gods nieuwe wereld. Die nieuwe naam staat voor een vernieuwde mens zonder handicaps, met een onsterfelijk lichaam. Een naam die slechts door God en door de mens gekend is, lijkt op een koosnaampje, en wijst op een intieme persoonlijke liefdesband met God. Dat is wat de beschadigde mens mag verwachten als hij toetreedt tot het verbond met Jezus.
#144 Openbaring – Apokalyps
Een virtuele simulatie? (9')
4/01/2026
Tekst van de video
Wanneer we elkaar ‘een Gelukkig Nieuwjaar’ toewensen, doen we dat nu wat aarzelend, want de toekomst ziet er bedreigend uit. We zien rondom ons apocalyptische beelden die lijken op beschrijvingen van het Bijbelboek Openbaring. Maar in dat boek beschrijft Jezus ook een prachtige toekomst, want Hij zegeviert over het kwade en over de dood. In deze video gaan we daar dieper op in, en leren we het boek Openbaring kennen als een bron van hoop.
Soms wordt een journalist toegelaten op een streng beveiligde locatie. Dat zorgt voor unieke reportages, bijvoorbeeld over het CERN-complex in Genève. Meer dan 100 meter diep werd een deeltjesversneller gebouwd in een tunnel van 27 kilometer. Die grootste en meest complexe machine ter wereld heeft duizenden supergeleidende magneten die worden gekoeld – kouder dan de temperatuur in de ruimte. Deeltjes zoals protonen worden doorheen die tunnel gejaagd, bijna aan de snelheid van het licht. Met virtuele simulaties via computerbeelden, illustreren wetenschappers wat er in die tunnel gebeurt, maar zintuiglijk niet waarneembaar is.
Het bijbelboek Openbaring doet mij hieraan denken en straks leg ik uit waarom. Dat boek is erg complex. Dat kon niet anders, want het bevat geen geschiedenisverhalen of songs of spreuken, of brieven van kerkleiders. Neen, het boek opent een venster naar de toekomst van de aarde, en naar wat gebeurt in de hemelse dimensie, en dat kan je niet uitleggen met gewone woorden.
Johannes leefde op hoge leeftijd in een openluchtgevangenis. Alle andere apostelen waren intussen vermoord, en vele kerken waren intern verdeeld. De eerste christenen hadden zich de toekomst anders voorgesteld, want nu leek Gods koninkrijk een mislukking. Ze hadden nood aan toekomstperspectief en bemoediging. En dan geeft Jezus een blik in de toekomst via een gigantisch visioen, met vele episodes.
Dit is de openbaring van Jezus Christus, door God aan Hem toevertrouwd opdat Hij zijn dienaren zou tonen wat spoedig moet gebeuren. Op de dag van de Heer werd ik (Johannes) door de Geest gegrepen. Midden tussen de kandelaars zag ik Iemand die eruitzag als een mensenzoon. … Toen ik Hem zag, viel ik als dood aan zijn voeten neer. Hij legde zijn rechterhand op mij en zei: ‘Wees niet bang, Ik ben de eerste en de laatste. Ik ben de levende: Ik ben dood geweest, maar kijk, Ik leef voor eeuwig en altijd. Ik heb de sleutels van de dood en het dodenrijk. (Openbaring 1 Gods Boek)
Johannes lijkt op de journalist die toegelaten wordt op een plaats die gewone mensen niet kunnen betreden. Hij bezoekt geen ondergrondse tunnel, maar wordt in de geest opgenomen in de hemelse dimensie. God wil tonen wat zich in de toekomst afspeelt, deels in de hemel, deels op aarde, en dat zorgt voor een dubbel probleem: Hoe kon Hij 2000 jaar geleden computers met wereldheerschappij beschrijven, en drones en tanks die dood en vernieling zaaien Hij gebruikte daarvoor imaginaire monsters. En hoe kon God de hemelse realiteit voorstellen? Hij maakte het onzichtbare zichtbaar met virtuele simulaties, en gebruikt daarbij beelden met symbolische betekenis.
Openbaring was een inspiratiebron voor kunstenaars zoals Jan Van Eyck en een anonieme Franse illustrator die de Bijbelse beelden aanvult met kerkgebouwen en religieuze symboliek uit de late middeleeuwen.
Johannes zag een leeuw, een stier, een adelaar, een draak, vreselijke beesten, een slang, paarden in allerlei kleuren en een lam. Koppen stellen machthebbers voor, en meerdere hoorns wijzen op hun buitengewone kracht. Goddelijke grootheid en macht komt tot uiting in goud, edelstenen en attributen zoals kronen, tronen, witte kledij, zwaarden en bijzondere getallen.
Joden die vertrouwd waren met de Bijbelse eredienst, de beeldrijke taal der profeten en de keizercultus, begrepen beter die symboliek, maar wij kunnen sommige beelden dan weer plaatsen in het apocalyptisch tijdsgewricht waarin wij leven. Wereldheerschappij met controle op handel en wandel en rampen met mondiale proporties, zijn vandaag niet meer denkbeeldig.
Het boek Openbaring is een medaille met twee zijden. Enerzijds beschrijft Jezus de verschrikkingen die de wereld te wachten staat. Die apocalyptische beelden waren voorheen opgesloten in de religieuze sfeer, maar nu behoren ze tot het publiek domein, want klimaatwetenschappers wijzen als onheilsprofeten op de huiveringwekkende dreiging, en miljoenen worden reeds met die ellende geconfronteerd.
Anderzijds gaf Jezus een antwoord op de nood aan bemoediging en toekomstperspectief van onderdrukte eerste christenen. Ook vandaag worden christenen hiermee geconfronteerd, want wereldwijd wordt één op zeven christenen vervolgd, soms op gruwelijke wijze. En ook nu is er verdeeldheid onder christenen, want sommigen misbruiken het geloof voor persoonlijk profijt en verloochenen zo hun Meester. Het koninkrijk van God wordt verdrongen door een wereld waarin macht en geld het hoogste goed is.
Ik ga vandaag niet in op die sombere kant, want Openbaring is vooral bedoeld als bemoediging voor wie Jezus navolgen met hart en ziel. En zoals in andere bijbelboeken, worden buitenstaanders uitgenodigd om Jezus’ kant te kiezen, en te delen in die hoop. Openbaring is een virtual reality bril die toont dat licht zegeviert over duisternis, dat liefde onverschilligheid en haat overwint, dat God triomfeert over zijn tegenstanders. Studie van de beeldspraak wordt beloond met een adembenemende maar hoopgevende ervaring. Begrijpen we de diepere boodschap niet, dan is dit boek slechts een historische getuige van het apocalyptische genre, en een inspiratiebron voor games en films, en dat had Jezus niet bedoeld.
Via CERN geven wetenschappers ons inzicht in de fundamentele bouwstenen van het heelal, en de krachten die daartussen werken. Via Openbaring, in samenlezing met andere Bijbelboeken, geeft Jezus ons antwoord op de fundamentele vraag over de toekomst van deze schepping, de eeuwige bestemming van de mens, en de vraag of het goede zal zegevieren.
Die VR-bril toont dat de overwinning reeds gevierd wordt als een feit in de eeuwige dimensie. En God heeft niet gezegevierd door verpletterende goddelijke macht, maar door Jezus’ zelfopofferende liefde. Verwijzend naar zijn kruisdood en verrijzenis, wordt Hij voorgesteld als een Lam, dat geofferd werd, en toch in eeuwigheid leeft.
" … de leeuw van de stam Juda … heeft gezegevierd en mag de boekrol met de zeven zegels openen. Toen zag ik op de troon … een lam staan. … Aan Hem die op de troon zit en aan het lam, komen de zegen, de eer, de glorie en de heerschappij toe, voor eeuwig en altijd." (Openbaring 5:5,6,13 Gods Boek)
Van veel natuurkundige wetten, begrijpen wetenschappers de achterliggende werking niet. Net zo min begrijpen wij die fundamentele geestelijk wet omtrent de verzoening tussen God en mens. Hoe nam Jezus als Lam van God de zonde van de wereld weg? Hoe kan de dood en verrijzenis van één mens – een goddelijke mens – zoveel misdaden en tekortkomingen uitwissen? Waar kennis tekort schiet, is geloof aan zet, en Jezus gaf ons meer dan voldoende redenen om geloof te hechten aan zijn hoopgevende boodschap.
Teksten video's 2025
Teksten video's 2024
Teksten video's 2023
Teksten video's 2022
Teksten video's 2021
Teksten video's < 2021
Playlist met alle video's
Begin
