Einde

De moeder van alle zegen

Uit "Gebed dat God pleziert heeft diepgang", hebben we geleerd dat God ons gebed wil verrijken. We rammelen geen woorden af, want daarmee doen we noch God, noch onszelf recht aan. Neen, we pleiten met ons verstand, smeken met onze emoties en vasten met ons lichaam!

Maar wanneer we een zegen uitspreken en iemand zo gelukwensen, is er geen sprake van pleiten, smeken of vasten… Zegenen is dus een andere vorm van gebed, en dat verdient een aparte studie.

Zoals vaak, halen we ook hier onze inspiratie in de eerste hoofdstukken van het boek Genesis. Voor veel belangrijke thema's vinden we daar de grote principes, en dat geldt ook voor onze zegenwensen.

de moeder van alle zegen

De eerste zegen die in de Bijbel wordt vermeld is deze die God uitspreekt na de schepping van de dierenwereld. Vervolgens, nadat Hij de mens schiep, spreekt Hij opnieuw een zegen uit. Tenslotte zegent Hij de zevende dag, als de dag van rust en genieten. Met zijn zegen wenst de Schepper zijn schepping geluk toe. Het eerste bijbelboek bevat aldus de moeder van alle zegen.

Toen schiep God de grote zeemonsters en al de krioelende dieren, waar het water van wemelt, soort na soort, en al de gevleugelde dieren, soort na soort. En God zag dat het goed was. God zegende ze en Hij sprak: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk; bevolk het water van de zee, en laat de vogels talrijk worden op het land.’ (Genesis 1:21 - 22)

En God zei: ‘Nu gaan Wij de mens maken, als beeld van Ons, op Ons gelijkend; hij zal heersen over de vissen van de zee, over de vogels van de lucht, over de tamme dieren, over alle wilde beesten en over al het gedierte dat over de grond kruipt.’ En God schiep de mens als zijn beeld; als het beeld van God schiep Hij hem; mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen. God zegende hen, en God sprak tot hen: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk; bevolk de aarde en onderwerp haar…’ (Genesis 1:26 - 27)

de eerste episode is gestart

God had Zijn project DE MENSHEID uitgedacht en het scheppingsverhaal beschrijft hoe Hij daarna tewerk gaat. Eerst schept Hij het decor, dan plaatst Hij het meubilair en tenslotte de actoren. Dat alles gebeurt met opeenvolgende bevelen, waarvan het eerste luidt "Er moet licht zijn!". Gespierde woorden met een onbevattelijk gigantisch vermogen!

Wanneer alles in gereedheid is, geeft Hij het startsein, dat gebeurt opnieuw met krachtige woorden die gedefinieerd worden als "een zegen". Hij wenst zijn schepping succes toe en maakt duidelijk dat deze zegen geen vaarwel is. Hij blijft aanwezig om de verdere groei te ondersteunen en in goede banen te leiden. Want de schepping is slechts het vertrekpunt, elders aangeduid met de letter alfa.

Het scenario is uitgeschreven en de eerste episode is gestart. God volgt alles nauwlettend op en zal doorheen de geschiedenis verder blijven spreken. De oorspronkelijke gigantische scheppingswoorden worden gevolgd door ontelbare discretere scheppingswoorden, want er is SCHEPPING na DE SCHEPPING. Dat blijft zo duren tot de letter omega en dan begint een nieuwe episode.

Kom, gezegenden van mijn Vader, neem het koninkrijk in bezit dat vanaf het begin van de schepping voor jullie klaar ligt. (Matteüs 25:34)

niet zomaar een klank, maar een Persoon

Het Nieuwe Testament geeft ons meer inzicht: het Scheppend Woord is niet zomaar een klank vol energie, maar een Persoon. We beseffen nu dat dit gespierde Woord niet enkel in lang vervlogen tijden materie tot stand bracht, vorm gaf en leven inblies, maar dat dit Woord ook vandaag nog doorzindert. Het lijkt op een energiebron die niet alleen tot stand brengt, maar ook verder energie moet leveren om wat ontstaan is, in leven te houden.

Alle dingen zijn door het Woord gemaakt en zonder dit Woord is geen ding gemaakt dat gemaakt is. In het Woord was het leven en het leven was het licht van de mensen. (Johannes 1:3 - 4)

Hij is de afstraling van Gods heerlijkheid en het evenbeeld van zijn wezen, en Hij houdt alles in stand door Zijn machtig woord. (Hebreeën 1:3)

Paulus heeft dit zo begrepen

God wil dat – in de ruimste betekenis – alles groeit en bloeit en spreekt daartoe voortdurend ZEGEN- OF SCHEPPINGSWOORDEN uit. Hij vraagt ons om hetzelfde te doen. Dat Paulus dit zo begrepen heeft, blijkt uit navermelde brief, waarin hij eerst een zegen uitspreekt over zijn lezers en dan over de Vader. Tenslotte kadert hij alles in een universeel plan dat alles overspant.

Genade zij u en de vrede van God, onze Vader, en van Jezus Christus, de Heer. Gezegend zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in de hemelsferen, in Christus, met talrijke geestelijke zegeningen heeft gezegend. In Christus immers heeft God, voordat de wereld gegrondvest werd, ons vol liefde uitgekozen om voor hem heilig en zuiver te zijn… Hij heeft ons … dit mysterie onthuld: zijn voornemen om met Christus de voltooiing van de tijd te verwezenlijken en zijn besluit om alles in de hemel en op aarde onder één hoofd bijeen te brengen, onder Christus. (Efeziërs 1:1 - 4, 8 - 10)

Zegenen en vruchtdragen lijken in Genesis wel synoniemen. En dat blijkt ook uit bárakh - het Hebreeuwse woord voor zegenen. Dat woord betekent ook verdubbelen, sterk vermeerderen of vermenigvuldigen. Tot wat die zegen wel in staat is, zien we in de natuur rondom ons. Zonder dit Woord is geen ding gemaakt dat gemaakt is.

vrucht vruchten

'Santé!'

Omdat mensen gelijken op God, imiteren ze Hem, bewust of onbewust. We wensen anderen en onszelf geluk toe, en spreken zo een zegen of SCHEPPINGWOORDJES uit. De bescheidenheid gebiedt ons hier een verkleinwoordje te gebruiken, want het contrast tussen God en mens blijft uiteraard enorm.

We zegenen 's ochtends bij het wakker worden met 'Goeie morgen!' en bij de aankomst op het werk met 'Goeie dag!'. 's Middags volgt dan 'Smakelijk eten!' en bij cafébezoek 'Santé!'. Zegenen is dus geen bezigheid van levensvreemde vrome zielen, het zit ingebakken in de mens!

Maar wie gelovig is, kan die wensen wél meer diepgang geven door de link te leggen met de moeder van alle zegen. Zijn zegen is dan afgeleid van die oorspronkelijke zegen en helpt bij de verwezenlijking van Gods Project. En zo is het scheppingsverhaal de eerste les in gebed, lang vooraleer Jezus zijn discipelen leerde hoe te bidden.

toen de Christelijke kerk steeds meer een volkskerk werd

In de boeken van het oude testament vind je 261 maal het woord zegen of een afgeleide daarvan (in de NBG-vertaling). Het Joodse volk wist dus wat zegenen was! Bij ons is de betekenis van zegen wat vertroebeld en dat niet alleen door een ontkerkelijking, maar ook door een problematische kerkgeschiedenis.
In Wikipedia lees je dat het woord 'zegen' in de loop der eeuwen in de kerk verschillende betekenissen heeft gekregen. Oorspronkelijk betekende het vooral 'lofprijzing'. Toen de Christelijke kerk steeds meer een volkskerk werd en niet-christelijke elementen in zich opnam, verschoof ook de betekenis van zegen van 'lofprijzing' naar 'bezwering', het tegenovergestelde van 'vervloeking'. Zegenen werd een ritueel om de Christelijke God of de aangeroepen heilige gunstig te stemmen. De zegen werd zelfs een product dat de middeleeuwse Kerk op lucratieve wijze ging verkopen, zoals nu nog steeds huisdieren en auto's worden gezegend. …

een echo van Gods initiële zegen

Een zegen kan op twee manieren uitgesproken worden. We kunnen dat illustreren door de zegen bij de maaltijd.

Wie de maaltijd zegent, kijkt eerst naar wat op tafel staat, en pas daarna omhoog. Met een echo van Gods initiële zegen "Wees vruchtbaar", wenst de gastheer zijn gasten en zichzelf gezondheid en levenskracht toe. Hij doet dat in de wetenschap dat God aan de oorsprong ligt van alles. Indirect spreekt hij tegenover God zijn dank uit.

Wie de Schepper zegent omwille van de maaltijd, kijkt eerst omhoog en dan pas naar zijn bord. Door middel van de zegen zegt hij te beseffen dat het leven hier en nu door Hem geschonken is en hij drukt daarvoor zijn dankbaarheid uit. Zijn zegen is dus, zoals bij de eerste christenen, vooral een lofbetuiging.

Voor beiden houdt de zegen in - wanneer ze bewust wordt uitgesproken - dat we beseffen te leven bij de gratie Gods en dankbaar deel uitmaken van Gods levenswerk.

wie slechts het broodje ziet, mist de pointe

De zegen over het dagelijks brood kan inderdaad slechts begrepen worden wanneer dat broodje wordt geplaatst in een ruimer kader. Want het is niet God die de broodjes bakt! Onze zegen is dus geen bedankje voor een specifieke handeling. Dat broodje verenigt de arbeid van boer, molenaar, transporteur, bakker en verko(o)p(st)er… en van nog vele anderen. Dus, waarom danken we dan God?

We danken Hem voor het decor, het meubilair en de actoren! Voor de start en voor de verdere zorg die verband houdt met Zijn zegen. We danken voor de vruchtbare bodem, het zonlicht en de regen. Voor de groeikracht van de zaadjes en voor het gistingsproces. En voor het samengaan van de talenten van zoveel mensen. We danken Hem dus voor Zijn project, dat Hij van op het achterplan verder onderhoudt. Die eenvoudige zegen bij de maaltijd is dus veel meer dan een dankwoord voor het voedsel. Wie slechts het broodje ziet, mist de pointe.

Het gebed van onze voorouders 'Heer, zegen ons en ook deze spijzen, die uw milde hand ons geeft. Door Christus onze Heer. Amen' is inhoudelijk rijk. Het dankt voor wat op tafel staat, maar verwijst tegelijk ook naar Gods zorg in het oude verbond (de schepping) en in het nieuwe verbond (de nieuwe schepping die ontstaat door Christus).

dankzij het broodje zien we het verschil

dankzij het broodje zien we nu het verschil tussen een zegen en een 'gewoon gebed'. De zegen betreft het kader en de grondslag van elk ander gebed.

De zegen is meestal algemeen geformuleerd en drukt dankbaarheid uit en vertrouwen. Zij getuigt van een historisch perspectief: we zien Gods werking zowel bij de oorsprong van het leven, als in het leven hier en nu en zelfs in de verre toekomst.

Dat zie je bij de huwelijkszegen. Want we weten niet wat het paar te wachten staat, maar vragen dat God dit persoonlijke project wil opvolgen en inpassen in Zijn allesomvattend project. En wie een ouderlijke zegen uitspreekt over zijn kind, beseft dat hij geen greep heeft over de toekomst. Hij weet wellicht niet wat hij moet vragen, maar draagt zijn kind op aan God in de verwachting dat die alles in goede banen leidt. Wie het huis zegent dat hij binnenkomt, heeft geen weet van het lief en leed van zijn bewoners. Maar hij drukt door zijn zegen het vertrouwen uit dat God ook dit gezin betrekt in Zijn plannen, voor zover de bewoners zich daar in zullen kunnen vinden.

Als jullie een huis binnengaan, zeg dan eerst: 'vrede voor dit huis!'. Als daar een vredelievend mens woont, zal jullie vrede met hem zijn; zo niet, dan zal die vrede bij je terugkeren. (Lucas 10:5 - 6)

een leegte die niet te vullen is

Ook wie over zijn land een zegen uitspreekt, doet dat vanuit vogelperspectief. Hij weet dat de zaken er niet goed voor staan wanneer God wordt buitengesloten en de cultuur God noch gebod vreest. Zijn zegen is een vraag om vergiffenis voor het manifeste en het verborgen kwaad. Zijn zegen is ook een bede om herstel, om de cultuur te openen voor Hem en zo op te nemen in Zijn project: meer waarheid en liefde, meer rechtvaardigheid en aandacht voor de mens in nood, meer contact met de Liefdevolle, die mensen de kracht geeft om ten goede te veranderen!

In de zegen der oprechten ligt de opkomst der stad, maar door de mond der goddelozen wordt zij afgebroken. (Spreuken 11:11)

Zoek de vrede voor de stad waarheen ik u in ballingschap heb doen wegvoeren, en bidt voor haar tot de Eeuwige, want in haar vrede zal uw vrede gelegen zijn. (Jeremia 29:7)

Een land waarin niet gezegend wordt "maakt God klein, verkleint of verdringt Zijn Aanwezigheid en schept een leegte in het midden van het volksleven, die niet te vullen is met popmuziek en zangfestijnen, met dansparty’s of drinkgelagen, een leegte die aantrekkelijk is voor boze geesten die een volk van binnenuit ruineren."

waar was God?

Waar was God, toen dit gebeurde? Veel mensen hebben over God een verkeerd idee. Zij herinneren zich dat God liefdevol, alomtegenwoordig en almachtig zou zijn en concluderen daaruit dat Hij in situaties van onschuldig lijden, toch wel schromelijk in gebreke blijft.

Maar onderzoeken we best niet eerst onszelf? Zoeken wij contact met Hem? Overtreden we niet zowat elk gebod, in zowat elk domein. We houden Hem op afstand en toch verwijten we Hem, dat Hij er niet was om te verhinderen dat het fout ging. Natuurlijk was Hij er niet! Onze cultuur is over de schaamte heen en flirt met 50 tinten grijs, met geweld en horror. We willen niet dat Hij aanwezig is!

Net als in Genesis vraagt God opnieuw aan de mens die zich voor Hem wegstopt: "Waar ben je?". Hij doet dat niet om hem te arresteren en vervolgens gevangen te zetten, maar om te helpen!

We mogen echter niet veralgemenen: de kritiek betreft de mainstream. Maar de mens is geen einzelgänger, hij is een sociaal wezen met de voor- en nadelen van dien.

Net zoals de zon in gelijke mate schijnt over de rechtvaardige en de onrechtvaardige, wordt iedereen toch nat, wanneer het regent! Als het slecht gaat met een land, zal ook wie oprecht is, in de klappen delen. Soms is hij zelfs het mikpunt, zoals in de zogenaamde schurkenstaten. Vandaar Gods vraag aan de Israëlieten "Zoek de vrede voor de stad …". Willen we ingaan op die vraag?

we halen God uit de taboesfeer

Een volk heeft de leiders dat het verdient. Wie goede leiders wil, kan zich dus best eerst inzetten voor de maatschappij waarin hij leeft. Hij kan de cultuur zegenen, en zo ruimte scheppen voor God om nabij te komen en te beschermen. Hij weet dat een schietgebed in regel niet veel uithaalt: God handelt meestal via projecten die voorbereiding, uitwerking en nazorg vragen. Hij zal zich dus op consequente en volgehouden wijze inzetten voor de zaak. De zegen die hij uitspreekt drukt de hoop uit dat meer mensen de juiste waardeschaal zullen gebruiken: meer rechtvaardigheid, eerlijkheid en liefde, meer schuldbesef en bereidheid om te veranderen. Betere huwelijken en betere relaties tussen ouders en kinderen. Minder vervuiling in de media. Minder criminaliteit en druggebruik. Minder armoede… Meer mensen die Hem leren kennen en voor Hem willen werken. Die zegen vinden we bij de aanvang van het Onze Vader: geheiligd zij Uw naam. We halen God uit de taboesfeer en maken Hem groter in onze maatschappij. We doen dat door de zegen, maar uiteraard ook door onze persoonlijke inzet, daar waar dat mogelijk is.

één foute of juiste benoeming

Nadat we de cultuur gezegend hebben, zegenen we de politieke leiders, de magistratuur, de hoge ambtenaren, de bedrijfsleiders en vakbondsmannen… Elke maatschappij is een verzameling van soms gelijklopende, soms tegenstrijdige belangen, zichtbaar op de voorgrond of verborgen op het achterplan. Soms loopt alles vast in oeverloze discussies of krijgen particuliere eerloze belangen voorrang, soms lukt het en wordt het zelfs een best practice. Dat alles hangt dan af van de juiste persoon op de juiste plaats, van hun kunde en integriteit en van tal van andere factoren. Eén foute of juiste benoeming kan een hemelsbreed verschil uitmaken… We kunnen God uitnodigen om waarheid aan het licht te brengen, zodat intriges worden gestopt. We kunnen vragen dat Hij invloedrijke mensen beïnvloedt, zodat beslissingen worden genomen die een land vooruit helpen zodat het beter kadert in Zijn levenswerk.

een levend laboratorium

Het Joodse volk hecht veel belang aan het zegenen van het land Israël en na de voorgaande uitleg kunnen we dat begrijpen. Maar hoe staat de christen hier tegenover? Via de Mensenzoon – een nazaat van dat onbeduidend nomadenvolkje – zocht de Schepper toegang tot de mensenwereld. Die keuze van plaats of nationaliteit is tot op vandaag erg controversieel.

De bedoeling was echter niet het toekennen van allerlei privileges, zoals een potentaat zijn eigen stam bevoordeelt. Niet één volk, ten koste van alle anderen. Neen, God wou in de woestijn een oase inrichten waar het goed leven was. Een levend laboratorium met een wetgeving die 34 eeuwen later de belangrijkste inspiratiebron zou worden voor 'de universele verklaring van de rechten van de mens' (zie: De tien geboden anno nu, André Chouraqui, Meulenhoff). God moet ergens beginnen en dat was toevallig daar. Maar Hij wil dat Zijn initiatief vervolgens iedereen ten goede komt.

Niet, omdat gij talrijker waart dan enig ander volk, heeft de HEER Zich aan u verbonden en u uitverkoren; veeleer zijt gij het kleinste van alle volken. (Deutronomium 7:7)

In de navermelde teksten wordt de zegen telkens weer uitgebreid tot "alle volken van de aarde". Ook die tekst illustreert dat de zegen niet zozeer gericht is op het hier en nu: het perspectief reikt tot in de verre toekomst.

Abraham immers zal voorzeker tot een groot en machtig volk worden en met hem zullen alle volken der aarde gezegend worden (Genesis 18:18 - zegen over Abraham)

En Ik zal uw nageslacht vermenigvuldigen als de sterren des hemels, en Ik zal uw nageslacht al die landen geven, en met uw nageslacht zullen alle volken der aarde gezegend worden … (Genesis 26:4 - zegen over Isaak)

En uw nageslacht zal zijn als het stof der aarde, en gij zult u uitbreiden naar het westen, oosten, noorden en zuiden, en met u en met uw nageslacht zullen alle geslachten des aardbodems gezegend worden (Genesis 28:14 - zegen over Jakob)

dan lag nu Addis Abeba onder vuur

Gods doel werd tot op heden niet bereikt en dat heeft vele oorzaken. Vooreerst lijkt het Joodse volk op heel wat punten op elk ander volk. Voorts zijn de problemen van het heden, grotendeels veroorzaakt door een historische vijandschap of onverschilligheid van het christelijke westen. Tenslotte toont de irrationele eeuwenlange haat tegenover het volk waarmee God van start gegaan is, dat we voor één keer mogen spreken van een complottheorie, ontstaan in duistere regionen (zie: Hitler et la sorcellerie; François Ribadeau Dumas; Plon; 1975). Dit alles leidt, zoals Paulus neerschrijft, tot de pijnlijke barensweeën, waaronder de schepping kreunt. Maar die symboliek is tegelijk ook hoopvol want ze wijst op een aanstaande geboorte.

Maar waarom koos Jahweh nu net dat Joodse volk met dat fel bevochten stukje land? Hij had het toch kunnen weten!

Wel, laten we eerlijk wezen: zijn er op deze wereldbol überhaupt onbetwiste stukjes land na al die volksverhuizingen? Het zullen er niet veel zijn! En had God gekozen voor bijvoorbeeld Ethiopië, dan lag nu Addis Abeba wellicht onder vuur. De geschiedenis had er dan wellicht helemaal anders uitgezien, en toch ook helemaal hetzelfde, want het is niet toevallig dat het brandpunt van de actualiteit nu samenvalt met dat ene volkje. Eén ding is zeker: de schilderkunst zou helemaal anders zijn geweest!

Jezus zegent de kinderen
Jezus zegent de kinderen

als een christen een zegen uitspreekt over Israël

Als een christen een zegen uitspreekt over Israël, dankt Hij (zoals bij elke zegen) de Schepper voor de schepping en voor Zijn verdere zorg. Hij dankt Hem voor ZIJN PROJECT en drukt zijn geloof uit in de door Hem voorzegde betere toekomst. Hij beseft dat het Joodse volk mateloos veel onrecht werd aangedaan en vraagt om bescherming. Hij verlangt dat dit volk ook nu in Gods project zijn juiste plaats zal krijgen en vraagt dat in de media en in de internationale fora waarheid aan het licht mag komen. En hij vraagt ook Gods zegen voor de omringende volkeren, want hij heeft oog voor het leed aan beide kanten en is niet tegen… maar voor!

Via een zegen kan dus ook diegenen die onvoldoende op de hoogte is, en niet weet wat te denken over sommige situaties, zijn steentje bijdragen aan Gods project. Want je kan niet van iedereen verwachten dat hij de media doorzoekt en het internet afschuimt op zoek naar objectieve info. Ben je niet goed op de hoogte, dan hou je je beter op de vlakte. Maar wie de internationale politiek volgt en wél goed geïnformeerd is, zal natuurlijk verder gaan dan een algemene zegen en ook bidden voor specifieke noden.

we hebben honger en vragen om hulp

Inderdaad een 'gewoon gebed' is in regel veel specifieker en houdt zich bezig met het hier en nu. Misschien zijn we behoeftig en vragen we zoals in het Onze Vader, ons dagelijks brood. We hebben dan geen aandacht voor de schepping en de verre toekomst, want we hebben honger en vragen om hulp, of we doen het voor een mens in nood… En misschien hebben we een grote vertrouwdheid met God zodat Hij in onze agenda punten toevoegt en onze blik verruimt naar mensen die niet tot onze kleine kring behoren.

Specifieke noden kunnen hardnekkig zijn, en dan moeten we net zoals de weduwe in ons gebed volharden. Het beantwoorden van zo'n vraag wordt dan een project op zich. En zo zien we hoe Gods grote PROJECT is samengesteld uit tal van grote en kleine deelprojecten. Zegenen we, dan hebben we vooral oog voor Zijn project. Bidden we, dan werken we mee aan de realisatie van de deelprojecten.

niet languit in de luie zetel

En Hij leidde hen naar buiten tot bij Betanië en Hij hief de handen omhoog en zegende hen. (Lucas 24:50)

Veelal wordt zegen ondersteund door lichaamstaal. Of door een zalving… maar dat laatste is niet meer van onze tijd. Het ritueel moet de ernst van het gebeuren onderstrepen en maakt er iets officieels van. We liggen niet languit in de luie zetel, want wie zegent staat recht en wie ontvangt zal misschien zelfs knielen.

Misschien is er ook lichamelijk contact onder de vorm van handoplegging. Voor eventjes lijken gever en ontvanger dan verenigd. Wie de zegen uitspreekt vereenzelvigt zich met de ander, alsof hij de zegen voor zichzelf vraagt. Wie ontvangt toont dat ook hij vragende partij is, want hij laat het zich welgevallen en deinst niet terug. Ook hij gelooft, en dat versterkt uiteraard de uitwerking van die zegen die in de eerste plaats in de ontvanger moet werken, en pas in tweede instantie in zijn leefomgeving.

meestal staat de volumeknop iets luider

En zelfs al blijft het ceremoniële achterwege, meestal staat de volumeknop iets luider: kort en krachtig! We gebruiken weinig woorden – de zegen is snel uitgesproken – maar we doen dat op een kernachtig manier. Elk woord telt! Zegenen is dus het tegendeel van brainstormen. Het is geen zoeken naar de juiste inzichten en vervolgens naar de woorden die dat moeten vertolken. Geen vijven en zessen! Wie zegent zal niet pleiten of smeken. Hij weet dat hij met zijn algemene geformuleerde vraag niets verkeerd kan doen en probeert dus niet God te overtuigen. Hij is zelfzeker en gedraagt zich een beetje als iemand in een gezagspositie. Zijn woorden lijken wel op een bevel!

de platgetreden paden

We betreden met onze woordkeuze de platgetreden paden van weleer. Dat klinkt conservatief, maar een platgetreden pad loopt wel beter, en vermindert ook de kans op verloren lopen! We kiezen voor formules die door de eeuwen heen hun deugdelijkheid hebben bewezen. We doen aan plagiaat want we gebruiken niet, zoals in een gewoon gebed, onze eigen woorden. We nemen afstand van onze subjectiviteit: wat we vragen staat los van onze persoonlijke inzichten. Niet mijn wil, maar Uw wil geschiedde! We weten niet wat de toekomst te bieden heeft en het is dus veiliger algemeen te blijven.

God zegende ook de rustdag

En God zegende de zevende dag en heiligde die, omdat Hij daarop gerust heeft van al het werk, dat God scheppende tot stand had gebracht. (Genesis 2:3)

God sprak ook een zegen uit over de rustdag. Hoe moeten we dat begrijpen? Door die zegen verduidelijkt God dat Hij ons vreugde gunt, en dat Hij zich daar ook persoonlijk voor wil inzetten. Arbeid moet gevolgd worden door rust en het genieten van de vruchten van de inspanning.

Bij het Joodse volk wordt die rustdag heel nadrukkelijk gevierd. De sabbat is de gelegenheid bij uitstek om te genieten, om nieuwe krachten op te doen na een zware werkweek en om God te bedanken voor Zijn Schepping.

Ook in onze cultuur is die zegen over de zevende dag diep ingeworteld. Want elke vrijdag opnieuw wensen we elkaar een goed weekend toe. Enkele keren per jaar een zalige hoogdag of goeie feesten en van tijd tot tijd een deugddoende vakantie. In al die wensen klinkt een echo van Gods oorspronkelijke wens.

De gelovige geeft meer diepgang aan zijn wens, want hij mag spreken namens God, en zijn woorden krijgen zo een grotere impact. Hij kan bij zo'n gelegenheid de medemens meer toewensen dan fysieke rust en materiële welvaart. Hij wenst dat zijn medemens een goed contact met God zal hebben, en de verademing die daarmee gepaard gaat.

Kom naar Mij, jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, dan zal ik jullie rust geven … (Matteüs 11:28)

De sabbat verwijst ook naar een eeuwige rust in de verre toekomst. Maar dat heeft niets te maken met het oude lichaam dat tot stof vergaan is en rust onder de grafsteen. De sabbat verwijst naar een Zevende Dag waarin arbeid nimmer zal vermoeien en nooit vruchteloos zal zijn. Het wordt een dag die geen einde kent en waarin Gods Project als de ultieme droom verwezenlijkt wordt. Dan wordt bereikt wat Paulus omschreef als "De voltooiing van de tijd, waarbij alles in de hemel en op aarde onder Christus bijeen gebracht werd".

Zo is de cirkel helemaal rond en heeft de zegen die in Genesis werd uitgesproken zijn doel bereikt.

C.S. Van Audenard
december 2012

Begin