- - Visioenen - een bijbelse visie op visioenen

Heb je de illustratie al bekeken?
Wil je een getuigenis lezen? "Een bijzondere Godservaring - 3 p."
Einde

Waarom is God zo karig met visioenen?

visioenen behoorden vroeger tot het katholieke erf

Visioenen behoorden eertijds tot het katholieke erf. De laatste decennia stond dit thema niet meer op de agenda. Maar mede door de Harry Potter-hype is er een toenemende openheid voor het paranormale en wordt ook het thema "visioenen" nu geseculariseerd. Heel wat tieners experimenteren op dat vlak. Wie aan de drugs zit, ervaart een extase en ziet soms ook visioenen. En wie zijn heil zoekt in oosterse levensbeschouwingen en religies, krijgt misschien ook wel iets te "zien". Reden genoeg om te veronderstellen dat er belangstelling is voor het thema.

Met alle boeken die je tegenwoordig vindt over het occulte, zou je bijna vergeten de bijbel op te slaan om inzicht te krijgen in het thema. Velen vinden dat eigenlijk niet nodig. Ofwel geloven ze niet in al die flauwekul. Ofwel geloven ze er wel in, maar zien ze geen wezenlijk verschil tussen visioenen in de bijbel en andere visioenen - het is allemaal één pot nat.

Toch vind je terzake in die bijbel heel wat informatie. Over een periode van enkele millennia kom je geregeld weer visioenen tegen. En tegen het einde van het Oude Testament opent Joël de deur voor de verdere toekomst en haalt hij woorden aan van Jahweh, die op ruime schaal dromen en visioenen wil gebruiken in zijn communicatie met de mens - bijkomende reden om het thema uit te diepen.

Dan stort ik mijn geest uit, over ieder mens. Jullie kinderen, zonen en dochters, spreken namens Mij, krijgen dromen, visioenen, jong en oud. (Joël 2:28)

we gaan over het muurtje kijken

Maar voor we de aparte bijbelse visie over dit onderwerp uit de doeken doen, kijken we even over het muurtje, naar wat we hierna samenvattend omschrijven als de alternatieve wereld. Wat hebben de primitieve godsdiensten ons op dit terrein te bieden? En wat is er kenmerkend voor visioenen in het occultisme en in Oosterse godsdiensten? Een eerste kenmerk van visioenen in de alternatieve wereld is dat ze meestal door de mens worden uitgelokt. Een tweede, dat ze het bewustzijn vernauwen.

In die alternatieve stromingen gaat men bewust op zoek naar visioenen. De exclusieve ervaring wordt nagestreefd als doel op zich, en dus uitgelokt. Dat gebeurt dan door sommige componenten van het mens-zijn uit te schakelen. Het bewuste denken, de controlerende wil, de lichamelijke behuizing, de gevoelens… lijken wel in de weg te staan.

De primitieve godsdiensten en het occultisme gebruiken hiertoe seances met rituele dansen en ritmische geluiden, gedwongen slapeloosheid en zelfs zelfverminking. Oosterse yogi's schakelen één en ander uit via concentratie- en ademhalingstechnieken, gecombineerd met jarenlange ascese. Wie drugs neemt kiest voor een sluipweg en bereikt onmiddellijk resultaat. De spuit of het pilletje doet zijn werk en legt het normale functioneren plat, maar dan wel aan een hoge kostprijs.

niet bedoeld voor experimenten

En wat is er nu tegen zo'n uitlokking? Vooreerst houdt het verlies aan controle door het uitschakelen van het denken en de wil risico's in. De mens is als een persoonlijkheid geschapen - geen slaaf van iets of iemand anders. Wil hij ten volle als persoon functioneren, dan moet hij de controle behouden. Zijn wil mag niet uitgeschakeld worden en zijn verstand moet over het eigen leven een controlerende functie uitoefenen. Hij is en blijft verantwoordelijk voor wat er zich afspeelt in zijn lichaam, zijn denken en zijn geest.

De garantie dat dit zo is, vervalt wanneer een mens op eigen initiatief een paranormale wereld binnenstapt, en daar krachten oproept waarvan hij noch de origine, noch de bedoelingen, noch de gevolgen kent. De occulte wereld is een gevaarlijk terrein - misschien wel fascinerend, maar te riskant want deels bezet door persoonlijkheden in de stijl van het afschuwwekkende dat de horrorindustrie ons aanbiedt. Een terrein, niet bedoeld voor experimenten. Wie op die manier visioenen oproept, speelt met vuur want hij opent een deur naar een dimensie die God om veiligheidsredenen voor hem heeft afgesloten. Hij weet niet welke wereld hij binnentreedt en wat hij zo binnenhaalt.

bewustzijnvernauwend

Het visioen kan leiden tot een nieuw bewustzijn met spectaculaire ervaringen en mogelijkheden die een gewoon mens niet heeft, maar het is een roes die verslavend werkt. Het alledaagse krijgt, vergeleken met de intensiteit van de extase, een vale grijze kleur. Het maakt de terugkeer naar het wel en het wee van het gewone leven, en het zich tevreden stellen met de kleine geneugten van het leven, wel erg moeilijk. Van levensrust is er ook geen sprake, want het eerst geroemde nieuwe inzicht, blijkt dan toch weer niet de ultieme zaligheid… en de rusteloze zoektocht gaat alsmaar verder want je raakt over dit onderwerp niet gauw uitgelezen.

Er wordt voor dat experimenteren vaak een hoge prijs betaald. Het verdiepte inzicht in de paranormale wereld, gaat bovendien gepaard met een bewustzijnsvernauwing in het gewone leven. Wie een aantal componenten uitschakelt, gaat wat op een zombie lijken. Verstand op nul en blik op oneindig. De ontvanger is ten dele de controle kwijt en wordt dan een passief medium, dat veeleer ondergaat. Soms kan hij niet navertellen wat er gebeurd is, want alle herinnering is weg. De vernauwing geldt ook op sociaal vlak, want de aandacht wordt gefocust op zichzelf en op een verborgen hogere wereld. Het sociaal contact zal er niet wel bij varen en de bijzondere ervaringen houden geen stimulans in voor een inzet voor de medemens.

beelden en woorden komen prominent op de voorgrond

Het bijbelse verhaal luidt anders. Maar eerst toch wijzen op de brede betekenis in de bijbel van het woord visioen. Het visioen van de profeet speelt zich meestal af in de verbeelding of in de gedachten. Niets spectaculairs dus. Woorden of beelden komen prominent op de voorgrond van het denken staan. Oren en ogen komen er niet aan te pas. Het zien is subjectief inwendig en gaat misschien niet gepaard met een gevoelsmatige ervaring.

Anders was het wanneer de discipelen na de verrijzenis Jezus zagen: hun visioen was objectief uitwendig en dus opzienbarend. Zij zagen en hoorden Hem en konden Hem betasten. En dat gebeurde in strijd met de normale wetten… en ging dus gepaard met angst.

De techniek die hier gebruikt wordt, lijkt niet eenduidig. Ofwel komt een stukje hemel zichtbaar naar de aarde, in de vorm van een engel - noem het een postbode of een bodyguard vanuit een andere dimensie. Zeer uitzonderlijk komt zelfs een mens die het tijdelijke voor het eeuwige verruild heeft, terug even op bezoek: Mozes en Elia verschijnen zo aan Johannes , Petrus en Jakobus op de berg van verheerlijking.

Ofwel gebeurt de verplaatsing in de andere richting en wordt de mens een blik gegund in wat normaal voor de sterveling verborgen blijft. Paulus zegt dat hij opgenomen werd in een hogere dimensie en de derde hemel zag.

de schrijver vond die randinformatie niet echt nuttig

In veel passages in de bijbel wordt niet toegelicht over welk soort visioen het gaat - het subjectief inwendige of het objectief uitwendige. De schrijver wist het niet, of vond die randinformatie niet echt nuttig en doet dus geen toegevingen aan sensatiezucht. Niet het visioen op zich krijgt de volle aandacht, wel de ontmoeting als dusdanig, of de informatie die door die bijzondere postbode werd doorgegeven.

Soms kan je de aard van het visioen wel afleiden uit de context. Uitzonderlijk is er een expliciete toelichting, zoals toen Jezus na zijn verrijzenis verscheen aan zijn discipelen. Hij biedt dan aan Thomas aan dat die zijn wonden zou betasten als bewijs van de objectiviteit van de ervaring. Een andere keer schuift Hij mee aan tafel om aan te tonen dat de ervaring wel degelijk reëel is. De verrijzenis is geen zinsbegoocheling, maar wordt de objectieve grondslag voor een nieuwe wereldwijde missie.

Het objectief uitwendige visioen gaat vaak gepaard met een gevoelsmatige ervaring. Soms - vooral wanneer er sprake is van een godsontmoeting - is die ervaring dermate overweldigend dat men toch even van de kaart is. We hebben het dan over een extase zoals bij Paulus toen hij de hemel zag en zoals Johannes ook beleefde op het eiland Patmos. Wie het boek Openbaring leest, begrijpt dat deze onthullingen met hevige emoties gepaard gingen.

ondergaan als een begenadiging

In de bijbel worden visioenen niet vooropgesteld als doel en dus niet nagestreefd. Ze worden ondergaan als een begenadiging. God neemt zelf het initiatief en doorbreekt even de natuurlijke orde om iets te laten zien dat normaal voor het oog verborgen is.

Visioenen worden hier niet uitgelokt door het uitschakelen van bepaalde componenten. Dat is logisch, want het bijbelse mensbeeld stelt de mens voor als een drie-eenheid. Het lichaam of het verstand worden dus niet beschouwd als een rem op de menselijke ontplooiing, maar wel als een volwaardig onmisbaar instrument. Lichaam, ziel en geest zijn bovendien in elkaar verstrengeld en niet bedoeld om uiteen gehaald te worden, zelfs al zou dat sensationele mogelijkheden bieden. Wel wordt het lichaam soms een vasten opgelegd, waardoor het - anders dan gewoonlijk - even naar het achterplan verwezen wordt.

Soms gaat het bijbelse visioen gepaard met extase. Maar de ontvanger blijft, ondanks de adembenemende emoties, helder van geest. Geen bewustzijnsvernauwende trip! Alles wordt bewust beleefd en kan worden naverteld… al is het om te zeggen dat men onuitsprekelijke woorden heeft gehoord en onbeschrijfelijke dingen heeft gezien.

Soms wordt een blik gegund in een andere dimensie, wordt het bewustzijn dus verbreed doordat men zich de visu bewust wordt van een hogere realiteit, normaal verborgen voor de ogen. Maar de ervaring werd niet verkregen door een egotrip, en plooit de mens niet terug op zichzelf.

een verkoopsargument

Net zoals in de bijbel, is er in de christelijke traditie sprake van visioenen. Hoewel er uitwassen zijn geweest, waren het visioen en de extase ook in de christelijke mystiek in regel een begenadiging en niet iets dat opgeroepen werd.

Maar in de volksdevotie werd het visioen al te zeer benadrukt, daarin geholpen door vele barokke schilders die hierin een dankbaar thema vonden. Wat misschien samenhangt met het feit dat "het Woord" - de bijbel - soms naar het achterplan verdrukt werd, waardoor extra aandacht werd geschonken aan "het beeld" - aan spectaculaire openbaringen. Die werden dan ook aangehaald als verkoopsargument - een authenticiteitsbewijs.

een diametrale tegenstelling

Uit de voorafgaande uitleg blijkt een diametrale tegenstelling tussen visioenen in de bijbel en visioenen die de mens oproept door een aantal componenten uit te schakelen. God wil inderdaad niet dat de mens een opening forceert in de paranormale richting. De navermelde passage uit de mond van Mozes spreekt wat dat betreft duidelijke taal. Mozes werd in het Egypte van de Farao's ongetwijfeld geconfronteerd met het ganse gamma aan paranormale verschijnselen - hij sprak niet uit onwetendheid. Mozes vermeldt eerst het verbod. In het tweede deel van de tekst komt dan met de woorden "richt je volledig naar de Heer" de positieve noot. En die God doet zelf het nodige: Hij zal profeten sturen.

Wanneer je komt in het land dat de Heer, je God, je gaat geven, neem dan niet de afschuwelijke praktijken over van de volken die je daar aantreft. Duld niet dat iemand zijn zoon of dochter door het vuur laat gaan. Laat ook geen waarzeggers, wichelaars, voorspellers, tovenaars en bezweerders toe, noch personen die de geesten van doden kunnen oproepen en raadplegen. De Heer, je God, heeft een diepe afschuw van allen die zich met zulke praktijken bezighouden; dat is ook de reden dat hij die volken verdrijft. Richt je volledig naar de Heer, je God. De volken waarvan je het land in bezit gaat nemen, luisteren naar wichelaars en waarzeggers. Dat heeft de Heer jullie verboden. Jullie moeten luisteren naar de profeet die Hij zal sturen, iemand van je eigen volk, een bemiddelaar zoals ik. (Deutronomium 18:9 - 15)

de subjectief inwendige Openbaring 

De aard van de godsOpenbaring kan verder worden toegelicht aan de hand van enkele passages uit het bijbel. De context van het hierna vermelde uittreksel uit Numeri, is een opstand tegen de persoon van Mozes. Gods uitspraak geeft meer inzicht in het thema "visioenen", maar illustreert terloops ook de unieke relatie tussen God en Mozes.

De Heer zei: `Luister naar wat ik te zeggen heb. Indien onder u een profeet is, dan maak Ik Mij aan hem bekend in een visioen of in een droom. Met mijn dienaar Mozes ga ik anders te werk. Ik heb hem de leiding over heel mijn volk toevertrouwd. Daarom spreek Ik tegen hem niet in raadsels, maar rechtstreeks en duidelijk.' (Numeri 12:6 - 8)

Centraal gegeven in deze tekst is dat God het initiatief neemt. "Ik maak Mij bekend". Niet echt verrassend, want we zien dergelijke initiatieven vanaf het boek Genesis tot het boek Openbaring, doorheen de ganse bijbel. Wel een bron van hoop voor een mens die zoekend is en dus weet dat er ook aan de overzijde Iemand is die niet enkel wacht, maar tevens naderbij komt.

De hier door Mozes bedoelde visioenen en dromen, lijken evenwel geen schokkende gebeurtenissen - het betreft hier eerder de subjectief inwendige openbaring, die doorgaans niet gepaard gaat met extase. De bedoeling van dergelijke openbaring, is de verspreiding van minder gekende informatie. De profeet is slechts een "toevallig" beschikbare neutrale tussenpersoon of tolk.

de communicatie heeft iets raadselachtig

Maar dit soort communicatie heeft iets raadselachtig. De tolk bekomt de informatie niet via het normale zien of horen. Beelden van de toekomst of van het verleden, of beelden uit een andere dimensie worden binnenin geprojecteerd, veelal door middel van symbolen. Ezechiël ziet doodsbeenderen en Johannes kandelaars en veelkoppige monsters. Dat beeldgebruik moet ons niet verrassen… de psychologie heeft ons geleerd hoe de innerlijke mens gebruik maakt van beelden met een symbolische betekenis. De figuur van de moeder, de vader en het kind… zijn archetypes die latere andere relaties beïnvloeden. Woorden zijn voor God en mens van cruciale betekenis. Beelden zijn dat ook.

Het feit dat die Openbaring raadselachtig is, onderstreept het subjectieve karakter en de noodzaak dat ze door anderen getoetst worden - bijgetreden of tegengesproken. De Openbaring wordt getoetst aan hetgeen door de eeuwen heen als Gods Woord erkend werd, niet omgekeerd. En wat voor discussie vatbaar is, mag in de rangorde der normen niet te hoog geplaatst worden en dus niet beschouwd worden als de ontbrekende unieke sleutel voor het heil.

Ik sta er verbaasd over dat u God, die u tot de genade van Christus geroepen heeft, zo snel de rug toekeert en overgaat naar een ander evangelie! Er bestaat geen ander. Er zijn alleen maar lieden die u in verwarring brengen en het evangelie van Christus willen verdraaien. Maar ook al zouden wijzelf of een engel uit de hemel u een evangelie verkondigen dat afwijkt van wat wij u vroeger verkondigd hebben, hij zij vervloekt! (Galaten 1:6 - 8)

Evenmin wordt Jesaja nu een navelstaarder

We keren nu terug naar het Oude Testament. De hierna beschreven ervaring van Jesaja kan niet zomaar worden gecatalogeerd als inwendig of uitwendig, hoewel het ongetwijfeld een emotioneel zeer ingrijpende ervaring was. Jesaja heeft een godsontmoeting en beleeft een extase die levenslang zal bijblijven. Maar de extase vernauwt het bewustzijn niet: Jesaja ziet en hoort, denkt en spreekt, herinnert zich nadien wat hij beleefd heeft en kan het aan anderen doorvertellen. Evenmin wordt Jesaja nu een navelstaarder. Integendeel, het verhaal wordt afgesloten met de woorden "stuur mij". Het visioen vormt dus de springplank voor een belangeloze en toch zeer risicovolle inzet als profeet - een "klokkenluider" die het Joodse volk zal wijzen op wat echt belangrijk is.

Ook hier lijkt God - en niet de mens - het initiatief te nemen. En ook hier zien we raadselachtige symbolen zoals de zes vleugels, waarvan de betekenis ons - zeker bij een eerste lezing - zal ontgaan. Anders dan in de beschrijving van Mozes is dit visioen niet gericht op het direct doorgeven van informatie door een "profeet van dienst". God raakt hier een mens ten diepste aan door zichzelf aan Hem te openbaren.

In het sterfjaar van koning Uzzia zag ik de Heer, hoog op zijn troon gezeten, in vol ornaat. De zoom van zijn mantel vulde de tempel. Serafs stonden boven Hem; ieder had zes vleugels: met twee bedekte hij zijn aangezicht, met twee bedekte hij zijn voeten en met twee vloog hij. Zij riepen elkaar toe: "Heilig, heilig, heilig is de almachtige Heer. Zijn majesteit strekt zich uit over de hele aarde." De deuren trilden in hun hengsels, zo krachtig was hun stem; de tempel vulde zich met rook. Toen riep ik wanhopig uit: "Ik ben verloren! Onrein zijn mijn lippen, en het volk waartoe ik behoor is even onrein als ik. Toch heb ik oog in oog gestaan met de ware koning, de almachtige Heer." Een van de vuurgedaanten nam een tang, pakte van het altaar een gloeiende kool en vloog naar mij toe. Hij raakte er mijn mond mee aan en zei: "Hierdoor zijn je lippen gezuiverd; je schuld is ongedaan gemaakt, je zonden zijn vergeven." Toen hoorde ik de Heer zeggen: "Wie kan ik sturen? Wie wil namens ons gaan?" Toen antwoordde ik: "Hier ben ik, stuur mij!" (Jesaja 6:1 - 8)

weggerukt naar het paradijs

In het Nieuwe Testament gaan we voor dit thema best te rade bij Paulus - de man van wie de meeste geschriften zijn bewaard. Paulus' roeping begint al met een verschijning van de verrezen Jezus. Ook later wordt hij meermaals op bovennatuurlijke wijze de weg gewezen in zijn reizen doorheen het Midden-Oosten en Zuid-Europa. Maar in de navermelde tekst beschrijft hij een wel zeer bijzondere ervaring. Alles werd in de derde persoon geschreven, maar uit de context blijkt duidelijk dat Paulus hiermee zichzelf bedoeld. De bijzonder werkwoordsvorm illustreert dat Paulus die ervaring niet beschouwd als eigen verdienste, maar als een begenadiging of een geschenk van de Allerhoogste.

"… ik zal het gaan hebben over visioenen en openbaringen van de Heer. Ik ken een christen die veertien jaar geleden - in het lichaam of buiten het lichaam, ik weet het niet, God weet het - werd weggerukt naar de derde hemel. Van die mens weet ik dat hij - met het lichaam of zonder het lichaam, ik weet het niet, God weet het - werd weggerukt naar het paradijs en onzegbare woorden vernam, die geen mens mag uitspreken…" (2 Korintiërs 12:1 - 4)

Paulus is opvallend kort en sober in zijn beschrijving van het gebeurde. Het wordt verteld, omdat hij zich wel gedwongen voelt zich te verdedigen tegenover enkele gelovigen die de eerste kerk in een andere richting wilden sturen. Maar wat anderen als ultiem bewijs van uitverkorenheid breed zouden uitsmeren, wordt hier kort aangehaald, om daarna weer over te gaan tot de orde van de dag.

Paulus zal het bovennatuurlijk verschijnsel als dusdanig evenmin bestuderen. Hij kan geen uitleg geven omtrent de aard van de ervaring. Een lichamelijk of niet-lichamelijk bezoek aan de hemel? Hij weet het niet, en lijkt er evenmin belang aan te hechten. Dit verder uitdiepen geeft geen meerwaarde.

een privé-ervaring, niet bestemd voor publicatie

Wat Paulus hiervoor beschrijft, is een privé-ervaring, niet direct bestemd voor publicatie. Paulus beleefde een extase en heeft dingen gezien die hij niet mag of kan verder vertellen. Anders dan een profeet, treedt hij hier dus niet op als boodschapper om te vertellen wat God hem openbaarde. Integendeel! En dat gebeurt wel meer. Toen enkele apostelen Mozes en Elia zagen, legde Jezus hen een tijdelijke zwijgplicht op.

De strikt persoonlijke ervaring lijkt een extraatje dat God in zijn genade geeft - een begenadiging, soms samengaand met een roeping, soms als troost in situaties van intens lijden en verdriet, als troost in extreem moeilijke omstandigheden. Het is als een kostbare diamant, bestemd voor de ontvanger, die er voorzichtig mee moet omgaan en er goed aan doet er niet mee te pronken. Maar misschien kan hij te gelegener tijd het geschenk wel eens laten zien in besloten kring…

De extase overstijgt natuurlijk het verstand, maar na die ervaring wordt de mens geroepen om de draad weer op te nemen, door beredeneerd te handelen, keuzes te maken, verder te bouwen. De begenadigde wordt niet hocus pocus bekleed met een nieuwe persoonlijkheid en hij ontvangt geen toverdrank. Hij wordt opnieuw verwezen naar het gewone leven. Hij wordt zo verantwoordelijk voor een persoonlijk vernieuwingsproces en wordt betrokken bij het werk dat God wil doen.

waarom is God zo karig?

Maar waarom is God zo karig met die exclusieve ervaringen? Zoiets moet toch een shockeffect hebben met levenslange resultaten! Zou het niet beter zijn indien we allemaal eens zo'n Godservaring zouden hebben? Blijkbaar is het antwoord negatief en de navermelde spreuk helpt ons op weg, om dit te begrijpen.

Een bezit, in het begin te spoedig verworven, zal ten slotte niet tot zegen zijn. (Spreuken 20:21)

Nieuwe rijken weten met hun bezit geen raad en roepen bij hun omgeving ergernis op door de manier waarop zij met hun rijkdom omgaan. Niet zelden loopt het grondig fout, en gaat het na verloop van enkele jaren terug naar af. Een bezit is vooral waardevol en nuttig, wanneer het voortkomt uit het leven, en er dus een persoonlijke betrokkenheid is met het verworvene. Een vervalst diploma volstaat misschien wel op het tijdstip van de aanwerving, maar iets later valt de werknemer dan toch door de mand. Wie gevormd werd door jarenlange studie, heeft een bagage die nooit verkregen kan worden door een eenmalige ervaring, hoe spectaculair die ook mag zijn.

Een godskennis en een godsvertrouwen dat voortkomt uit een persoonlijke zoektocht, met veel toewijding en met vallen en opstaan… is diep in de ziel gegrift. Het is een verworvenheid die men niet gauw meer kwijtraakt, want geworteld in de innerlijke mens. Elk aspect van de persoonlijkheid wordt er door gekenmerkt. Het soms saaie, soms harde leven met zijn wel en wee, leidt er toe dat een mens wordt bijgesnoeid en heeft een hogere vormende waarde, dan een eenmalige ervaring, die van buitenaf wordt aangeboden.

Thomas was net afwezig

Thomas had het geluk niet mee. Hij was net afwezig toen Jezus na de verrijzenis aan zijn discipelen verscheen. Teruggekomen kon hij hun enthousiasme niet delen en eiste hij dat Jezus ook hem zou bezoeken. Geloven wou hij pas, na zintuiglijk als deurwaarder geconstateerd te hebben dat de bezoeker wel degelijk Jezus was. Jezus geeft hem geen gelijk, want zalig wie niet ziet - wie geen visioen ontvangt en geen getuige is van een mirakel - en toch gelooft. De kritische benadering bleek hier dus niet op zijn plaats en Jezus achtte Thomas - drie jaar lang voorbereid op dit moment - best in staat te geloven zonder deze bijzondere ervaring. En dat lijkt slechts een concrete toepassing van een algemeen beginsel, dat ruim toepasselijk is. Het gewone leven is een voldoende leerschool om God beter te leren kennen. God werkt grotendeels via menselijke kanalen, via de levensstijl van mensen die Hem kennen en via woorden die gelezen of gehoord worden. Dat onderwijs moet volstaan om dan een geloofssprong te maken richting God, die alle menselijke ratio overstijgt.

het zoekproces

God heeft ons in zijn wijsheid voor de onzichtbare wereld afgeschermd en gaat daar niet systematisch opnieuw van afwijken. De mens is inderdaad geroepen om in het hier en nu te leven, want geplaatst in een lichaam, beperkt door tijd en ruimte. Hij moet een stuurman zijn over eigen leven en keuzes maken vanuit een geloofsovertuiging en verstandelijk inzicht. Hij moet het waarmaken door volharding. Ingrijpende emotionele ervaringen hebben hun plaats, maar ze vervangen niet de levensschool.

Een indicatie in dezelfde richting vinden we in het feit dat God zijn wijsheid niet zomaar prijs geeft. Jezus verpakt diepe waarheden vaak in parabels. Eens begrepen worden die gemakkelijker onthouden, maar het vraagt een bredere horizon en persoonlijk denkwerk om te vinden, wat eigenlijk bedoeld werd. Gods Koninkrijk is een verborgen schat. Het zoekproces maakt deel uit van die smalle steile weg, waarlangs de mens zichzelf leert kennen en God zich openbaart.

Wie de bijbel leest, doet dit best vanuit een zelfde houding. Hij moet dus graven als een archeoloog - in de diepte en de breedte. Jarenlange arbeid - dag in dag uit getoetst aan de faits divers van het dagelijkse leven - leidt tot een toenemend inzicht. Dat alles kan niet bij vingerknip vervangen worden door een openbaring.

niet bedoeld als norm voor het leven

Een godservaring kan gepaard gaan met een ongemeen intense troost en vreugde, en zo buitengewoon bemoedigen. Maar zo'n uitzonderlijke ruggesteun is niet bedoeld als norm voor het leven. Toch is, omdat de extase emotioneel zo ingrijpend is, het risico reëel dat men er te veel aandacht aan zou besteden, of verkeerd op zou reageren. Extase wordt dus best geklasseerd in de familie bemoediging en troost.

Paulus' eerste ontmoeting met Jezus - waarbij hij van zijn paard viel - is dan weer van een andere orde. Het was shocktherapie, om een man die gehersenspoeld was door een verkeerde religieuze opvoeding, wakker te schudden en te confronteren met de leugen waarvan hij een levenszaak gemaakt had.

Het instrument "godservaring" is dus niet bedoeld voor normering en voor onderwijs. Het is daar trouwens niet geschikt voor, want te veel symboliek en te veel raadselen. Het spreekt niet het verstand aan, het gaat het verstand te boven.

Het past dus niet dat, zoals in de geschiedenis wel soms gebeurd is, iemand naast de bijbelse openbaring, een eigen Openbaring toevoegt - op gelijk niveau of zelfs daarboven. De verleiding bestaat om alle aandacht naar zich toe te trekken. Anderen kunnen dan dit voorbeeld volgen en doen alsof, als valse profeet openbaringen veinzen en als sekteleider aanhangers rondom zich verzamelen.

een opgelegde zwijgplicht

Bescheidenheid siert de mens, ook - of zeker - wanneer het gaat om spectaculaire openbaringen. Een opgelegde zwijgplicht of een zelf besliste informatiestop leidt tot een afkoelingsperiode. Zo wordt vermeden dat de openbaring, gezien zijn spectaculair karakter, te veel aandacht krijgt en een doel op zich wordt. En ook neemt het risico af dat de ziener verwaand wordt en zichzelf plaatst boven zijn collega's. Paulus schrijft dat God hem niet wou verlossen van een handicap - algemeen omschreven als een doorn in zijn lichaam - om te vermijden dat hij te hoog van de toren zou blazen.

Prachtig is het wanneer iemand jarenlang zo'n ervaring stil kan houden, tot het bezit is geworden - een geïntegreerd deel van het leven. Prachtig ook wanneer het dan toch in alle bescheidenheid meegedeeld kan worden, zodat ook anderen bemoedigd kunnen worden, want hierdoor gesterkt in hun overtuiging. Paulus vertelt hier wat hij 14 jaar voordien beleefd had - een ervaring die hij blijkbaar niet aan de Korintiërs verteld had gedurende zijn persoonlijk verblijf aldaar. Paulus kon dus zwijgen en gebruikte de gebeurtenis niet om er zelf punten mee te scoren. Gedwongen door de omstandigheden, om mannen die in hun verwaandheid zichzelf zo belangrijk vonden, een toontje lager te doen zingen, pakt hij er hier mee uit… in mineur, met een sobere beschrijving. Paulus vertelt enkel het feit, geeft geen details, hoewel het uitspinnen van het verhaal toch wel hét middel was om tot de grote godsmannen gerekend te worden.

wat is nu de conclusie?

En wat is nu de conclusie ten aanzien van het eigen leven? Dat een mens God moet zoeken op een gewoon menselijke manier, zonder toepassing van vreemde technieken: door te kijken, te luisteren, te lezen… en stil te worden en te mediteren. En dat een mens op een gezonde manier moet genieten van het gewone leven en moet beseffen dat bovennatuurlijke aspecten van het Koninkrijk van God, door Hemzelf moeten worden aangereikt. Misschien ontvangt dan hier en daar wel iemand een extase. Maar het is niet dat waar we op moeten zinnen.

Toch zal Gods vriend andere privé-ervaringen hebben, die hier wat op gelijken. Veel minder opzienbarend, maar tekenend voor Gods liefde en emotioneel toch heel verkwikkend. Ervaringen die, zoals die visioenen, niet geforceerd verkregen worden, maar resulteren uit Gods genade. Kleine faits-divers die bewijzen dat Hij nabij is, en op een vriendelijke wijze het leven bijstuurt. Maar je moet er oog voor hebben om die kleine attenties te herkennen. En je moet voorzichtig zijn wanneer je die persoonlijke ervaringen mee wil delen. Als het gaat over ervaringen met God, moet een mens eerst leren zwijgen. Pas als hij daartoe in staat is, kan hij spreken zonder daarbij de aandacht op zichzelf te richten. Kleine attenties van hierboven zijn bovendien slechts overtuigend voor wie al overtuigd is. Die cadootjes zijn te persoonlijk om prijs gegeven te worden aan het grote publiek. Maar intieme vrienden zullen graag in de vreugde delen.

C.S. Van Audenard
september 2004

Heb je de illustratie al bekeken?
Wil je een getuigenis lezen? "Een bijzondere Godservaring - 3 p."
Begin