Heb je de illustratie al bekeken?
Einde

DE VERSMALDE VRAAG EN HET VERBREDE ANTWOORD
christelijk denken over mens en maatschappij

De inhoudstafel van het boek?

10.
DE WERELD EN HET KONINKRIJK

Vader, de wereld kent u niet

Wanneer de mens zichzelf ontwikkelt en een maatschappij wil bouwen, vergeet hij vaak de Architect. Wat ten tonele wordt gevoerd loopt uit de hand want het scriptboek wordt verlaten en de Regisseur wordt genegeerd. Een blijspel wordt een drama waarin mens en maatschappij vervreemden van hun Oorsprong en tevens vijand worden van elkaar. Cultuur wordt zo een negatief begrip… het vervolgverhaal van een opstand tegen God. Een opstand ondersteund door een arsenaal aan wapens, religie inbegrepen.

Bij nader toezien zal elkeen toch beamen dat de geschiedenis van de mens meer dieptes kent dan hoogtes. Een relaas van oorlogen met hier en daar een eilandje van vrede. Sinds 1946 hebben wij het voorrecht te leven op zo'n eilandje van vrede. Vrede in de restrictieve zin van 't woord want agressie in de persoonlijke relaties ontmoet je uiteraard nog steeds. En ook op maatschappelijk vlak is er niet altijd sprake van een shaloom - een vrede die ook welzijn inhoudt. egoïsme is veelal de drijfveer van het zogenaamde sociale handelen. De gebruikte wapens zijn subtieler. financiële of politieke macht komt in de plaats van de loop van het geweer. Liever dat natuurlijk dan het barbaarse geweld… maar een harmonieuze samenleving is toch iets anders. Ons eilandje van vrede is trouwens niet representatief want niet zo ver buiten onze grenzen wordt er geplunderd en gemoord. En telkens opnieuw heeft "Amnestie International" een jaarboek nodig als aanklacht tegen de ontelbare schendingen van "de rechten van de mens".

Zo vaak is de cultuur godsvijandig dat de bijbel, bij wijze van veralgemening, de wereld omschrijft als een plaats waar God de toegang werd ontzegd. Met als gevolg een schaarste aan wat goed en zuiver is en een overaanbod aan agressie, oneigenlijk gebruik en wanhoop. De wereld is een plaats waar zij die in en door Hem leven, zich niet echt thuis voelen. Jezus' uitspraak "Vader, de wereld kent U niet…" illustreert die negatieve kleur. En daarbij kunnen we opmerken dat Hij het toen voornamelijk had over de cultuur die Hem omringde - over Gods uitverkoren volk.

Die negatieve kleur kan voor de bijbellezer een waarschuwing inhouden, of een geruststelling. Wie zich comfortabel installeert in deze wereld en het accent legt op profiteren, wie de tegenstelling tussen God en de wereld niet zo scherp ziet, schrikt even wanneer hij leest "wie van de wereld houdt, heeft de liefde van de Vader niet in zich". Hij wordt gewaarschuwd tegen goedgelovigheid en verblinding door de mooipraters van zijn tijd en komt terug met beide voeten op de grond te staan. Het realisme dat zo ontstaat, is een beter fundament dan een "flower power visie".

Wie zich niet thuis voelt in deze wereld, wie bang is omwille van al wat rondom hem gebeurt en zich afvraagt waarheen dat alles leidt, verkrijgt meer inzicht in de oorsprong der problemen en voelt zich sterker nu hij weet tot wie hij zich kan wenden. Houd moed, Ik heb de wereld overwonnen geeft hem een nieuwe veerkracht.

kosmos versus koninkrijk

De Wereld is de vertaling van wat in de Griekse grondtekst kosmos heet. "Kosmos versus Koninkrijk" is het grote spanningsveld waarin elk van ons zich nu beweegt. Kosmos wordt hier eerst vermeld, als eisende partij. Tegelijk als "openbaar ministerie" dat namens de gemeenschap de aanklacht uit en in de debatten het grote woord voert. Kosmos staat voor wat vergankelijk is - voor de realisaties van de vervreemde mens en ook wel - voor wie zover mee wil denken - voor de realisaties van Gods tegenbeeld als de initiële oorzaak. Het feit dat de mens van God vervreemd is, wordt in de bijbel aanzien als de algemene regel die pas doorbroken wordt door een nieuwe scheppingsdaad, wanneer God nieuw leven inblaast in de verborgen kern van een mens die levend dood is. Behoren tot het Licht is geen prestatie van het eigen kunnen, wel een ingrijpen van Hogerhand, dat klassiek wordt aangeduid door het woord genade.

Het Koninkrijk is synoniem voor wat eeuwigheidswaarde heeft - voor wat God verwezenlijkt en voor wat de mens realiseert vanuit een verbondenheid met Hem.

"Duisternis tegenover Licht" is een andere vergelijking uit de mond van Jezus. Niet omdat Hij de dingen zo zwart - wit zag en niet kon nuanceren. Wel omdat Hij doordrong tot de verborgen fundamenten van het universum en daar het ultieme contrast zag tussen de god van haat en de God van liefde. Twee werelden, qua oorsprong en doel diametraal tegengesteld, maar qua tijd en plaats door elkaar verweven. Johannes  bouwt verder op die tegenstelling wanneer hij de kinderen van het licht stelt tegenover de kinderen van de duisternis. Een tegenstelling die iets weg heeft van een karikatuur waarin de meest markante trekken extra worden aangedikt. Johannes  refereert naar een goddelijke kern van leven die geplant wordt in een mens die daarvoor ontvankelijk is. Of naar het contrast: de verziekte kern die van nature uit in elk mens aanwezig is. Johannes  ziet ook dat de boom vruchten voortbrengt naar zijn aard, maar - wetend dat de kinderen van het licht niet zonder zonde zijn - is hij wat dat betreft minder categoriek.

De navolgende uitleg over de wereld en het Koninkrijk is geschreven in dezelfde karikaturale stijl. Het profiel van de van God vervreemde wereld is scherp getekend. Geen neutrale weergave van het landschap waarin we ons bewegen. Eerder een studie over de vervuiling van dat landschap - over de vergiftigde bodem en de zure regen. Want ook bij de mens die het etiket "gelovig" afwijst kan een diep besef aanwezig zijn van de waarden die de christen hoog houdt. En wie wel dat etiket wil dragen kan een levende ontkenning van Gods liefde zijn.

net zo gulzig als zijn conservatieve broer

De vervreemde mens zoekt antwoorden en ook wel een houvast. Hij is geneigd nieuwe goden te erkennen. Een aspect uit de werkelijkheid wordt uit zijn context gehaald en op het podium gezet. Het krijgt macht toegeschreven en eigenschappen die het niet bezit. En zo ontstaat een geloof, een verwachting… een vacuüm dat opgevuld kan worden.

Die opvulling gebeurt ten dele doordat het leven ernaar wordt ingericht, een self fulfilling prophecy, omdat nu de meeste aandacht gaat naar het vergoddelijkte aspect dat troont bovenaan de waardeschaal. Een opvulling soms ook door een irrationele oorzaak. De toeschouwer die in den beginne macht verkregen heeft door een vacuüm op te vullen, ziet opnieuw zijn kans. Gods tegenbeeld is graag bereid om elke afgod met man en macht te ondersteunen. Een ondersteuning die ertoe kan leiden dat de afgod ook daadwerkelijk functioneert en het gebed in meer of mindere mate zal verhoren. Zonder dit concept van spirituele bezetting is de successtory van zoveel afgoden moeilijk te verklaren. En evenmin de hardnekkigheid waarmee zij hun cliënteel vele generaties lang blijven achtervolgen. Hoe kan anders ook begrepen worden dat bijgeloof in de praktijk vaak werkt, zelfs indien een oorzakelijk verband wetenschappelijk gezien onvindbaar is.

Een fanatiek geloof in afgoden opent de toegang tot de wereld van het paranormale. Soms betreft het een geloof in een afgodsbeeldje of in een occulte ritus of gebedsformule, soms het geloof dat het in de sterren staat geschreven.

In een moderne woning staat het afgodsbeeldje niet meer op de schouw en ook de paranormale bezetting is meestal afwezig. Maar vrijgevochten van het primitieve geloof zoekt men om zich heen naar nieuwe goden. Informeel kent men het statuut van afgod toe aan een aspect, gegrepen uit het leven. Een aspect op zich niet negatief. Maar uit zijn context gehaald en op het podium verheven, wordt die nieuwe afgod net zo gulzig en veeleisend als zijn conservatieve broer.

Misschien staat de nieuwe afgod in de tv-kast naast de schouw. Misschien werd hij geparkeerd op straat tussen andere goden. Ofwel wordt één of andere ideologie of passie, geldzucht of macht verheven tot een god. Ook het schoonheidsideaal kan zo benadrukt worden dat het de slaafse onderwerping eist van elk ander aspect van 't leven. Meestal wordt een beetje van dat alles gecombineerd in een veelgodendom, waarbij de aandacht van de mens verdeeld wordt over alles en nog wat. Maar zonder dat er nog wat ruimte rest voor rust en stilte, voor een geëngageerde aandacht voor de naaste of voor een gedachtewisseling met God. Onderwerpen die niet verkoopbaar zijn verdwijnen naar het achterplan in een commercieel gestuurde kosmos.

geen succes in de liefde?

De afgod lijkt de verwachtingen in te lossen. Venus, godin van de liefde mag tevreden zijn met zo'n come back. De promotiecampagne is geslaagd. dankzij de nieuwe vrijheid ligt het geluk nu voor het grijpen. Geen succes in de liefde? Misschien wel in de zaken. De Mammon is actiever dan ooit tevoren. Geld stinkt niet, dat is z'n leuze. Hebben is belangrijk, niet hoe je eraan gekomen bent. Profiteer ervan… je leeft maar één keer!

Sommige afgodsbeeldjes blijven netjes op hun voetstuk staan. Hun invloed is beperkt tot één aspect van 't leven. Een sfeer die afgesloten wordt voor kritische reflectie. "Privé-domein", een bordje dat maar opvalt als je aandachtig observeert. Afgesloten voor de aanspraken van de Schepper of de medemens. Wie dichterbij komt en even aandringt wordt de deur gewezen.

Vaak zal de mens zijn materieel bezit op die manier bewaken, zonder in te zien dat hij het slechts in bruikleen heeft en ertoe geroepen is de nood van zijn medemens te lenigen. Hoe rijker de mens, hoe meer hij geneigd is zijn bezit krampachtig te beschermen door de Mammon in te huren. Waarbij hij kan beschikken over de logistieke steun van een financiële wereld die hem ertoe aanspoort z'n lieve geld nog meer te koesteren.

Wie de Mammon binnen laat, raakt hem nog moeilijk kwijt. Want op die houding van het hart komt snel een bovenbouw. De levensstijl, de woning, de vriendenkring, de arbeidsethos… conformeren zich naar de god die men aanbidt. Zovele draadjes van een spinnenweb dat men weeft rondom zichzelf. Een microkosmos waarin men gevangen raakt. Het verbranden van de afgoden wordt dan erg moeilijk. Een verandering van levensrichting wordt een alles-of-niets keuze. Net als bij de rijke jongeling die alles moest achterlaten om Jezus te volgen, en dat te revolutionair vond.

Afgodendienst kan besmettelijk zijn. Het afgodsbeeldje blijft niet op z'n voetstuk staan, maar creëert kopieën om zich heen. Want de bezoeker ziet vooral het aantrekkelijke van die uitbundige levensstijl waarbij sommige aspecten worden overgewaardeerd. Hij wil nu ook z'n eigen beeldje. Hij ziet niet zo gauw de schade die wordt aangericht wanneer het evenwicht verstoord wordt en evenmin de leegte die overblijft wanneer de mens alleen is met zichzelf. Ook erkent hij niet dat er een verband bestaat tussen die cultuur en de abcessen die hij dagelijks te zien krijgt in het tv-journaal.

De ik-gerichte houding van het hart kan overslaan naar andere levenssferen. Wie vuil is, wordt vuiler. Wie het geld lief heeft, heeft daar wel een leugentje voor over. Hij zal met de ellebogen werken en als dat moet, wil hij daar ook wel een vriendschap aan opofferen. En dat geldt ook op wereldschaal. Worden er geen oorlogen gevoerd omwille van economische belangen? Want afgoden scheppen rondom zich een nieuwe moraal waarin het kwade als goed wordt voorgesteld en vice versa. Heel duidelijk wordt dit wanneer iemand fanatiek een ideaal volgt en vervalt in een terrorisme dat niets of niemand nog ontziet.

de constante vreugde van het "zijn"

De afgod lijkt de verwachtingen in te lossen. Ja en neen. De vrijgevochten levensstijl kent zijn pleziertjes. Maar overwaardering vraagt overprikkeling. De honger wordt nog verder aangescherpt. De kick moet zwaarder worden. Wanneer het natuurlijke zijn aantrekkingskracht heeft verloren, moet het tegennatuurlijke de begeerte stillen. Horrorfilms zijn daarvan een voorbeeld: een eigentijdse variante op de bloeddorst van het oude Rome. Het feit dat sommigen het aandurven een pleidooi voor pedofilie te houden is ook een teken aan de wand.

En ondanks alle geneugten komt er een levensmoeheid en een gevoel van zinloosheid. De reële behoeften worden blijkbaar niet bevredigd. Want de constante vreugde van het "zijn" dreigt uit te doven en plaats te ruimen voor het kortstondig profiteren van het "hebben". Afgoden bieden wel iets aan de zintuigen, maar vergeten de noden van de innerlijke mens. Astrologie zal misschien de toekomst openbaren, maar met angst en vrijheidsberoving als resultaat. De Mammon mag ons dan wel met materiële rijkdom overladen, maar tegelijk worden andere facetten van het leven weggedrukt. Venus herwaardeert de erotiek, maar een gezond verlangen naar wat prettig is kan uitgroeien tot een begeerte die niet gestild kan worden en haar eigenaar maakt tot een nukkig egoïst. En richt die passie zich op een derde, dan wordt het gezin een puinhoop van verborgen leed.

De afgod is een jackpot, een onpersoonlijke dictator die offers eist en wat hij aanbiedt maar met mondjesmaat wil afstaan. Een vorm van communicatie en "jezelf begrepen voelen" is dus uitgesloten. Interesse voor je persoon is hier afwezig. Behalve misschien wanneer je in een occulte zoektocht geviseerd wordt door Gods tegenbeeld: een perfide schaduw die zoals het noodlot een mens kan blijven achtervolgen.

wat een blijdschap voor een Belg!

Hoe sterk is het contrast met de ware God die liefde is! Wat een vrijheid voor de jood die het juk der Farizeeërs van zich afschudde en in de vrijheid van de Geest ging leven! Wat een opluchting voor de Romein die niet langer gebukt ging onder een overmacht van wispelturige goden en nu de ene God aanbad! Wat een blijdschap voor een Belg die zichzelf bemind weet door de Schepper en in de grijsheid van zijn leven heel wat kleuren gaat ontdekken!

Juist begrepen christendom moet tot bevrijding leiden: een bevrijde mens die geen slaaf meer is van de verzameling van goden en een bevrijde gemeenschap omdat liefde het fundament bij uitstek is om samen op te bouwen. Die vrijheid is ingekaderd in een raamwerk dat gevormd werd door de Architect. Respect voor Gods richtlijnen is dus onmisbaar. Wat niet beduidt dat het leven saai en monotoon moet zijn. De constante vreugde van het "in Hem zijn" stilt de diepste honger, terwijl Gods Geest als coach ons steeds weer wijst op een nieuwe uitdaging. Wie God aldus ervaart, kent ook wel eens een woestijnervaring. Maar meer representatief voor die bijzondere relatie met de Schepper zijn Jezus' woorden Ik heb u dit alles verteld om zo mijn blijdschap aan u door te geven en opdat u een volmaakte blijdschap zou verkrijgen. Een blijdschap die overrompelend kan zijn en qua intensiteit de diepste ervaringen die het horizontale leven te bieden heeft, overtreft.

De diepste behoefte van de mens is liefde. Vrij evident indien God liefde is en de mens naar zijn beeld geschapen werd. Afgoden zullen op een schreeuwerige wijze deze behoefte overstemmen, terwijl God deze nood prioritair beantwoordt. Secundair heeft Hij natuurlijk ook aandacht voor de andere behoeften van de innerlijke en de uiterlijke mens, en voor de vraag hoe dat alles met elkaar kan verenigd worden in een maatschappij. Je vindt in de bijbel zelfs een profetische "groene" aandacht voor een juist gebruik van dieren- en plantenwereld. De os en de ezel genoten elke week hun sabbatsrust en zelfs de landbouwgrond bleef eens om de zeven jaar braak liggen om uitputting te voorkomen.

het verst geëvolueerde dier

Agapè-liefde is iets anders dan het romantische gevoel dat opgesloten blijft binnen een twee-eenheid en de mens blind kan maken voor de andere aspecten van het leven. Veeleer omgekeerd moet de liefde de ogen openen voor wat buiten het ego ligt. Liefde wordt dan het overkoepelend verband, het geweldloos herverdelend beginsel dat vreugde en harmonie kan brengen in de relatie tussen mens en God en in een wereld als verzameling van grote en minder grote egoïsten.

Liefde kan niet samengaan met "het recht van de sterkste". Gods gedachten over de mensenwereld kunnen niet verenigd worden met "the survival of the fittest". Jezus zegt in de Bergrede net het tegendeel. Zalig de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde erven. God verlangt de mens op te tillen en te onttrekken aan het niveau van de mechanica. Hoe meer liefde er aanwezig is, hoe meer een cultuur positieve aandacht schenkt aan de minst bedeelde leden. Voor wie fysisch kwetsbaar is als kind, gehandicapte of oude van dagen. Voor wie economisch zwak staat en herleid kan worden tot een middel. Voor mensen die ook een "doel op zich" zijn en wat extra steun best kunnen gebruiken in hun streven naar ontplooiing. Voor mensen die het in de dierenwereld nooit hadden gehaald.

De diepere drijfveer van de tweede wereldoorlog lag in een filosofie waarin geen plaats meer was voor liefde. De verheerlijking van het Arische ras en al het kwaad dat daarmee gepaard ging, had zijn wortels in een denkrichting die de mens herleidde tot het verst geëvolueerde dier. Sommige mensen vonden het in die oorlog blijkbaar nodig de evolutie nog een handje toe te steken door wat zwak was uit te roeien. Opmerkelijk is daarbij dat de mens, die geen ruimte laat voor liefde, daalt tot onder het niveau van het dier. Waar vind je in de dierenwereld een niet functionele wreedheid? Waar ontmoet je het perverse dier, anders dan in een mensenhuid?

natuurlijk beheers je God niet met je verstand

Afgodendienst leidt tot een degeneratie van de mens. Het verstoort het evenwicht en belet het helder denken. Het herkennen van de Schepper moet niet leiden tot hetzelfde resultaat - tot fanatisme en het uitschakelen van het rationele. Natuurlijk beheers je God niet met je verstand, maar een goed begrepen geloof zal veeleer verhelderend werken omdat het de overtuiging geeft dat de schepping het logisch opgebouwde levenswerk is van een bijzonder Architect. Einsteins uitspraak "God dobbelt niet" toont dat hij in zijn zoektocht naar de oplossing voor een gigantisch vraagstuk niet veel krediet gaf aan het toeval.

Geloof kan ons inzicht geven in oorsprong en bestemming van de mens en in diens positie in de schepping. Het geeft antwoorden op de vraag wat je moet aanvangen met wetenschappelijke kennis. Het incident rond Galileï is niet representatief voor de relatie tussen geloof en wetenschap. Culturen die ontstaan zijn in de christelijke invloedssfeer blijken een goede biotoop te zijn voor wetenschappelijke ontwikkeling. Wat niet gezegd kan worden van een materialistisch denken waar weinig ruimte is voor individuele creativiteit of van die godsdiensten waarin de mens slaaf is van zijn Allah.

elke kosmos is niet even zeer van God vervreemd

Elke kosmos is niet even zeer van God vervreemd. Een kosmos kan op fanatieke wijze God bestrijden of kan zich daarentegen formeel positief opstellen tegenover Hem. Elke kosmos heeft weer andere goden en de toewijding aan die goden is niet altijd even groot. Een cultuur kan een keurslijf zijn dat het individuele handelen beheerst of kan vrijheid geven ten goede of ten kwade. Het van God vervreemd zijn uit zich in elke tijd en op elke plaats weer op een anders wijze omdat mens en maatschappij voortdurend in beweging zijn. De voorkeursbehandeling als god kan gegeven worden aan een aspect, gegrepen uit de schepping, aan de bliksem of de zon, aan een heilige koe of een gewijde boom. Maar de mens gaat ook een stapje verder door het goddelijk statuut toe te kennen aan een product van eigen hand, een beeldhouwwerk, een intellectuele constructie, een geavanceerd stukje techniek… Techniek zal vervreemdend werken wanneer ze een doel op zich wordt en in functie van vooruitgang een nieuwe moraal creëert, een nieuwe wet. "In de naam der wetenschap" lijkt heel veel toegelaten. Er is het vooroordeel dat elke technische vooruitgang een weldaad voor de mens zal zijn, hoewel menig nuttig instrument reeds als wapen werd misbruikt.

De mens vindt nieuwe dingen die hij met misplaatste trots overaccentueert. Hij is gefascineerd door de talenten van zijn schepsel en gaat het vereren als een afgod. Aanvankelijk lijkt de overdreven aandacht slechts een onschuldige overdrijving, maar één generatie later is de nieuwe afgod voorbij de puberteit. Ingebakken in de structuren van het maatschappelijke leven heeft hij zijn plaats veroverd. En zo ontstaat een sociaal aanvaarde gecultiveerde zonde, die misschien omschreven wordt als een vorm van entertainment, als een politiek of economisch model, als een bedrijfscultuur… Op het podium van de overwinnaars herken je het klassieke trio: Venus, Bacchus en natuurlijk ook de Mammon. Drie gelauwerde atleten die hun kwaliteiten sinds lang hebben bewezen en in onze cultuur opnieuw het goud, het zilver en het brons onder elkaar verdelen. Drie disciplines die burgerrecht hebben verkregen in onze maatschappij en een flink stuk van het leven naar hun hand hebben gezet.

de kosmos is een macht op zich

Heeft men het vandaag over onrecht, dan wordt vooral gewezen op de structurele onrechtvaardigheid - op structuren die tot gevolg hebben dat er telkens weer onrecht geschiedt. Bij het joodse volk werd Gods wetgeving op bepaalde punten zo verdraaid dat zij niet meer corrigerend werkte maar eerder een excuus ging vormen om op Gods rekening onrecht te bedrijven. Ook werd God zo vertekend voorgesteld dat hij nauwelijks te vinden was voor wie naar Hem op zoek wou gaan. Jezus klaagt die kosmos aan als een Godsvijandige structuur. Hij verwijt de Farizeeërs dat zij Gods Koninkrijk niet binnengaan en bovendien hun medemens beletten in te treden.

Kosmos is de verzamelnaam van al wat hier op aarde tegengesteld is aan Gods persoonlijkheid. Het gaat niet zozeer om de houding van een enkeling, maar wel van een gemeenschap of van een deelgroep die de hoofdtoon aanslaat. Een houding die ingeburgerd is en zich heeft ingenesteld in filosofie en levensstijl, in tradities en rolpatronen, in het politieke en economische stelsel. Een van God vervreemde levenswijze wordt gefixeerd en ook versterkt. Vergelijkbaar met een video die het gebeuren vastlegt en het naderhand herhaalt. Beeld en muziek gaan dan een eigen leven leiden, ook al zijn de figuranten er niet meer. Het ideeëngoed van Marx leefde na zijn dood ook verder.

De kosmos is een macht op zich - een wetmatigheid die het kwaad in stand houdt en vermenigvuldigt. Wie met die cultuur in aanraking komt, wordt ertoe aangezet zich te conformeren. De kosmos is als een op hol geslagen dier. Het gaat zijn eigen weg en is niet meer te besturen want ook de machthebbers zijn machteloze exponenten van hun tijd - opgeslokt door diezelfde kosmos.

een schijn van objectiviteit

De van God vervreemde wereld wordt gekenmerkt door de vicieuze cirkel van accenten, van het gemis aan evenwicht en harmonie. Waarbij de overdrijving er toe leidt dat de balans iets later doorslaat in de andere richting. De kosmos is niet objectief, niet determinerend voor wat goed of kwaad is.

Elke kosmos heeft zijn geloofsbelijdenis met priesters en profeten, zijn ordedienst die de afwijking bestraft, zijn instituten en instrumenten waardoor de cultuur wordt gepromoot, zijn wapens om de machtsgreep te vergroten of minstens te behouden. Elke kosmos heeft zijn antitheses, herkenbaar in statussymbolen en troetelkinderen.

Een homogene kosmos is gemakkelijk herkenbaar. De eenduidige cultuur drukt zijn stempel op elk aspect van 't leven. Wie zich hieraan wil onttrekken wordt metterdaad een paria. De moslimwereld en ook de communistische regimes van weleer zijn hiervan een voorbeeld. Alle instrumenten zijn gelijk gestemd. Je hoort één waarheid, één geluid. Als buitenstaander taxeer je in een oogopslag zo'n situatie. Kritiek op eenduidigheid is snel gevormd, hoewel niet altijd per sé terecht. Maar vaak is in een eenduidige cultuur die gepropageerde waarheid toch een leugen. In zo'n context is het leven veel te schraal.

Ook bij het joodse volk stond Gods Koninkrijk in de schaduw van de kosmos. Een kosmos met godsdienst als het voornaamste ingrediënt. De wetgeleerde was de sterke man, die Gods geboden naar zijn hand kon zetten. De sabbat en een waslijst van gebodjes en verbodjes waren zijn afgodsbeeldjes en zijn wapens.

In een heterogene kosmos is de ganse scala van goden vertegenwoordigd. Elk mens gaat hier zijn eigen weg en bouwt een koninkrijkje rond zijn waarheid. Heel wat koninkrijken evolueren gaandeweg naar een failliete onderneming. Maar sommige zijn er in geslaagd hun cultus te veralgemenen. Zij worden ondersteund door profeten die de boodschap uitdragen via film of tijdschrift, via het politieke forum, via amusement of publiciteit. De cultus van de tabak is op de terugweg. Maar nog steeds wordt in de reclame de leugen gepromoot en wordt datgene wat mensen ziek maakt voorgesteld als het echte leven. Verslaving wordt verdedigd als ontspanning. De grootste gemene deler in die koninkrijkjes is de cultus van het eigen ik. "Koning auto" appelleert dan ook voortdurend op de ijdelheid en de arrogantie van de potentiële klant. En ook de lotto komt ons nog versterken in onze eigenwaan. egoïsme en altruïsme lijken goed te combineren. Hoe heerlijk is het wanneer je door te denken aan jezelf tegelijk de mensheid dient! Want de Nationale Loterij verleent steun aan lovenswaardige projecten. En wie de lotto wint stapt nu al het hiernamaals binnen!

Onze kosmos kent een waaier van koninkrijken met belijdenissen die elkaar vaak tegenspreken. Die wederzijdse kritiek geeft onze pluriforme maatschappij een schijn van objectiviteit. De toeschouwer heeft de illusie van het dieper inzicht. Toch stijgt die kritiek meestal niet uit boven het niveau van het kikkerperspectief. Hanengevechten waarin elkeen dezelfde fundamentele foute ingesteldheid heeft. De kosmos is enorm verscheiden in zijn uitdrukkingsvormen, maar wie alles van dichtbij bekijkt, ziet steeds weer variaties op dezelfde thema's. Zowel een kapitalistisch als een socialistisch model is meestal een synoniem voor een materialistische levensstijl waarin men zich afsluit van zijn medemens en van zijn Schepper.

littekens uit een traumatizerend verleden

Ook onze cultuur heeft standpunten die een antithese vormen, gekoesterd als afgodsbeeldjes door de trendsetters van onze tijd. Feministische standpunten worden op het podium beaamd maar in de binnenkamer tegengesproken. Littekens uit een traumatiserend verleden doen dienst als vaandel in de strijd. De emotionele gevoeligheid is soms zo groot dat de zin voor nuancering verloren gaat. Elke aarzeling om zich aan te sluiten komt dan choquerend over.

Elke kosmos heeft zo zijn halve waarheden. "a priori's" die samen een geloofsbelijdenis vormen, met als speerpunt een aantal "shots" waarin de werkelijkheid nog verder wordt verengd. Een beredeneerde keuze is afwezig wanneer het handelen gestuurd wordt door een aantal vanzelfsprekendheden. "Vrijheid, gelijkheid en broederlijkheid" was de rechtvaardiging voor heel wat onrecht. Vandaag worden we beheerst door de dictatuur van de individuele vrijheid en het technisch kunnen, en door de vergoddelijking van het geld, de eros en de schoonheid. Begrippen zoals solidariteit zijn bedoeld als tegenwicht dat de aandacht vestigt op de noden van de medemens. Maar in de praktijk heeft zoiets vaak een omgekeerde werking. Goed klinkende begrippen worden selectief in eigen voordeel ingevuld en dan gebruikt als goocheltruc om het laken naar zich toe te halen. Slogans zoals "verwen jezelf" hervormen het geweten, zodat de mens op fanatieke wijze zijn eigen zaak gaat dienen. Die "a priori's" zijn toetsstenen waarheen een gesprek kan geleid worden om na te gaan of de ondervraagde wel "clean" is. Zo wordt een debat of een interview de berg der verheerlijking voor de één of de plaats van terechtstelling voor de ander.

Elke tijd kent zijn taboes. Onderwerpen die voortijdig sterven omdat men onder zwijgplicht staat. "Ieder zijn mening" verbreekt de communicatie, beëindigt het leerproces en belet een verdere ontplooiing. Soms is het taboe subtieler. Een gesprek is mogelijk maar verlaat de platgetreden paden niet en belet dat de medaille ook wordt omgedraaid. Typisch zijn de praatprogramma's waarin het aantal minuten dat ter beschikking staat, strikt gelimiteerd is. Alles relativeren lijkt soms het enige doel te zijn. Een afwijkende mening wordt dan bestraft door de interpellant met een kluitje in het riet te sturen. En zo ontstaat een vorm van censuur waardoor een deel van de realiteit wordt weggemoffeld, terwijl een ander deel wordt aangedikt.

meestal draait men de zaken om

Christenen zijn niet zo gauw de troetelkinderen van hun tijd. Gods waarheid is geen dialectische reactie, ze is niet tijds- en plaatsgebonden en kan dus niet ontleend worden aan de accenten van de kosmos hier en nu. Wie gegrepen is door de cultuur waarin hij leeft, wordt bijziend en kan de rode draad die geweven is doorheen de geschiedenis niet meer ontdekken. Paulus snijdt in één van zijn brieven dit thema aan en vraagt van de Korintiërs een zekere afstandelijkheid: "wie wijs is in deze tijd moet dwaas worden om wijs te kunnen zijn".

Meestal draait men de zaken om. De eigen cultuur wordt de objectieve maatstaf, de uitkijkpost van waaruit we hooghartig neerkijken op het verleden en op al wie in het heden anders is dan wij. Ook de Schrift wordt naar de bibliotheek verwezen en geklasseerd tussen de andere producten van die tijd. Een antiquiteit waaruit je misschien wel "iets" kan leren.

Toch is deze houding het gevolg van een te haastige conclusie. Wie de bijbel openslaat, leest heel wat passages met een boodschap die haaks staat op de opvattingen van die tijd. De meeste figuranten werden verworpen door het uitverkoren volk, of kenden sterke tegenspraak. Noach, Mozes en de profeten, Jezusen de eerste christenen… niemand onder hen werd maatschappelijk aanvaard. Ze getuigden van een universele waarheid die niet te rijmen viel met de vooroordelen van die tijd. De bijbel is, wanneer je dieper graaft, niet langer tijds- en plaatsgebonden. Zij wordt dan het unieke referentiepunt, een boek waaraan je een cultuur kan toetsen om zo het onderscheid te maken tussen Koninkrijk en kosmos.

Naar hoofdstuk 11: HET MATERIELE DECOR
Heb je de illustratie al bekeken?
Begin